Hetze tegen Turkse bijstandsgerechtigden

Regelmatig houden partijen in het politiek rechtse spectrum met in hun kielzog allerlei boze lieden op sociale media en weblogs zich bezig met vreemdelingenhaat en het bashen van bijstandsgerechtigden. Wanneer die twee kunnen worden gecombineerd gaan ze helemaal los. Een voorbeeld is een artikel in Elsevier van Linda Otter waarin de stelling wordt verkondigd, dat 20% van de Turkse bijstandsgerechtigden in Nederland wordt verdacht van fraude met onroerend goed in Turkije. Hieronder een analyse van het artikel, en van de stelling. Aangetoond wordt, dat de aanname berust op leugens, verdraaiingen en suggestieve berichtgeving.

De kwestie van de frauderende Turkse uitkeringsgerechtigden blijkt steeds weer, ondanks het ontbreken van bewijzen, door de PVV, VVD en Forum voor Democratie op de agenda te worden gezet met daarbij de roep om de rechten van bijstandsgerechtigden en migranten verder af te breken en de zeer strenge controles nog verder uit te breiden. Terwijl Jonathan Witteman de rechteloosheid naar voren bracht van bijstandsgerechtigden bij de opsporing van fraude in de Volkskrant van vorige week zaterdag, zette de rechtse bagger de tegenaanval in. In Elseviers weekblad van vorige week een uitgebreid artikel van Linda Otter over frauderende Turkse bijstandsgerechtigden in Nederland die villa’s en ander onroerend goed in Turkije zouden bezitten en dit niet opgeven aan de sociale dienst. Het artikel wordt op sociale media uitgebreid geciteerd als een bewijs voor die klaplopende Turkse bijstandsgerechtigden die de kluit zouden belazeren en waarbij zeer strenge controles nodig zouden zijn. Zonder probleem worden vreemdelingenhaat en bijstandsgerechtigden bashen in een artikel gecombineerd.

Op welke schaal?
Wij hebben het artikel aandachtig gelezen. Voorop gesteld zij, dat fraude natuurlijk voorkomt. En dan bijvoorbeeld bij AOW-ers met de Turkse nationaliteit, die een aanvullende IOA uitkering hebben. Maar op welke schaal? Het artikel wekt de suggestie, dat het zeer vaak voorkomt. Maar het bewijs daarvoor is flinterdun. Er wordt gezegd dat ‘Nederlandse gemeenten’ schatten dat 1 op de 5 Turkse bijstandsgerechtigden op deze manier zou frauderen. Let op het woordje zou. Een bronvermelding wordt niet genoemd. Verderop in dit artikel gaan we de bronnen na van dit bericht. Verder is het artikel gebaseerd op 3 getuigenverklaringen van Turken in Turkije, die geen inkomsten uit Europa hebben. Het zou heel goed kunnen, dat er sociale tegenstellingen beginnen te ontstaan tussen de teruggekeerde Turken, die inkomsten hebben uit hun werk in Europa, en die dit investeren in Turkije, en de rest van de bevolking, die dat niet hebben. In het artikel wordt handig gebruik gemaakt van deze tegenstellingen. De subjectieve verklaringen van deze getuigen op basis van ‘ik heb gehoord dat’ zijn daarom een zeer dun bewijs.

Onbewezen uitspraak
“Bijna alle Turken die in Nederland, Duitsland of België wonen, hebben een huis en een lap grond in Turkije, en velen hebben diverse huizen.” Waar haalt Linda Otter deze informatie vandaan? Als zij spreekt over Turken in Nederland, Duitsland en België dan gaat het om bijna vier miljoen mensen. Zij zegt dat bijna al die Turken een huis en een lap grond in Turkije hebben. En dat velen van hen diverse huizen hebben. Hoeveel zijn dat er dan? Wat verstaat zij onder ‘velen’? Heeft zij het dan over enkelen, tientallen, honderden, duizenden, tienduizenden, honderdduizenden of miljoenen Turken? Ja, het ligt er maar net aan wat je ‘veel’ vindt. Zij vertelt niet hoe zij aan die informatie komt. Is dat ooit onderzocht? Zijn er onderzoeksrapporten waarin die informatie staat? Nergens blijkt dat uit haar artikel. En hoe komt ze d’r bij dat “bijna alle Turken die in Nederland, Duitsland of België wonen, een huis en een lap grond in Turkije hebben”? Ene Ahmet Ozçelik (54) heeft het haar verteld. Wie is dan Ahmet Ozçelik helemaal? Is hij een wetenschapper, een statisticus die dat allemaal keurig heeft onderzocht en netjes vastgesteld? Of is hij een Turks-Duitse boerenlul die zonder iets onderzocht en concreet vastgesteld te hebben alleen maar op basis van zijn subjectieve indrukken en beperkte ervaringen uit zijn nek kletst en verkeerde algemene conclusies trekt. De bronnen van Linda Otter ontbreken of zijn vaag, onduidelijk en onbetrouwbaar. Wat zij van Ahmet Ozçelik heeft gekregen en doorgeeft is geen informatie maar desinformatie. Het artikel speelt alleen de vreemdelingenhaters en de racisten in de kaart. Hen lever je op deze manier munitie aan die zij vervolgens dankbaar en gretig aanwenden voor verdere beknotting van rechten en het plegen van racistische haatzaaierij die tot verdere verdeling en polarisatie in Nederland zal leiden. Dat is iets wat de Nederlandse samenleving niet nodig heeft.

Vijftien mensen op een terras
Nog een quote uit het artikel: ‘Kijk, daar zitten vijftien mensen op het terras, die allen wantrouwend naar ons kijken. Ze gaan me straks vragen wie jij was’. In het artikel wordt de suggestie gewekt, dat het zou gaan om bijstandsgerechtigden. Waarom zouden we van Ahmet Ozçelik zonder meer aannemen dat de vijftien mannen die bij het café in Adayazi zaten te kaarten argwanende blikken wierpen op de buitenlandse bezoeker? Misschien waren het geen argwanende maar nieuwsgierige blikken omdat de mannen niets te verbergen hebben omdat zij een andere uitkering genieten dan een bijstandsuitkering waarvoor meestal geen vermogenstoets geldt. Misschien waren het voor een onbekend groot deel mannen die in Nederland of Duitsland gewoon werkten en er op vakantie of familiebezoek waren. Linda Otter neemt niet de moeite om de waarneming van de getuige te verifieren en het hen te vragen.

Hoe gaat het met Turkije?
Er wordt in het artikel door Ahmet Ozçelik beweerd dat onder Erdogan de Turkse economie gegroeid is, dat Turkije ontwikkeld en gemoderniseerd is enz. Hoe kan het dan dat de staatsschuld sinds Erdogan aan de macht is verdriedubbeld is? Hoe kan het dan zijn dat de werkloosheid onder zijn macht meer dan verdubbeld is? Hoe kan het zijn dat het productievolume in het land onder Erdogan sterk ingekrompen is en het importvolume 38,8% groter is dan het exportvolume? Door Erdogans politiek van ongekende privatisering kwamen miljoenen arbeiders op straat terecht en werd bij honderdduizenden kleine boeren het brood uit de hand gerukt. Die boeren zijn tot een door honger en uitzichtloosheid getekend bestaan veroordeeld. En dan hebben we het nog niet gehad over de situatie van mensenrechten, vakbondsrechten, persvrijheid, de onderdrukking van de Koerden, de alevieten en de andere bevolkingsgroepen onder Erdogans regime. We hebben het ook nog niet gehad over de directe of indirecte betrokkenheid van  Erdogan en zijn regime bij de ontwrichting van Irak en Syrië en medeverantwoordelijkheid voor de moorden en andere misdaden van ISIS, QAÏDA-NUSRA en de andere terroristische moordbendes die onder andere bekend staan als het ‘vrije Syrische leger’ of de ‘gematigde oppositie’.
En we hebben het dan ook niet gehad over de valsheid van het door Erdogan verspreide beeld dat hij door de meerderheid van het volk gewild en gewenst zou zijn. Degenen die beweren dat Erdogan door de meerderheid van het volk gewild zou zijn hebben het niet over de enorme verkiezingsfraude waar Erdogan zich keer op keer schuldig aan maakt. Ze willen niet geconfronteerd worden met het feit dat Erdogan zonder verkiezingsfraude al lang weggestemd zou zijn. Ahmet Ozçelik die duidelijk niet alleen een Erdogan-stemmer, maar bovendien een overtuigd Erdogan-aanhanger is, zal natuurlijk niets anders dan lof spreken over de politiek van Erdogan en de AKP-regering. Die zal de gevolgen van die politiek voor de miljoenen arbeiders en miljoenen arme boeren uiteraard verzwijgen. En misschien kent hij de situatie van de arbeiders en boeren in Turkije helemaal niet. Hij maakt er zelf zo te zien al lang geen deel meer van uit.

De hetze in Nederland
Het zal de rechtse bagger een zorg zijn. Zij hebben in hun propagandamachine weer slachtoffers gevonden om tegenaan te trappen. Op twitter gaan de bashers los. Aandachtig en kritisch beoordelen van het artikel is er niet bij. Het artikel mist zijn uitwerking niet. Ab Flipse is blijkens zijn profiel op twitter ‘geldcoach, mediator en claimexpert. Voorzitter oa Vereniging http://woekerpolis.nl. Wekelijks live op omroep Flevoland. Hij stuurt de volgende tweet de wereld in: ‘Ik ben het zo ongelofelijk zat belasting te blijven betalen aan hen die ons recht in onze smoel uitlachen. Ik voel mij zo ontzettend misbruikt, genaaid en geminacht door mijn eigen hypocriete overheid, dat ik zelfs misselijk ben van woede.’ De tweet is 421 maal geretweet en heeft 565 likes. Honderden tweets worden de wereld ingestuurd met als teneur: er zijn veel Turken in de bijstand die frauderen met onroerend goed in Turkije. Het blijkt een geliefd onderwerp te zijn dat periodiek steeds in het nieuws terugkeert. Net als bijvoorbeeld enerzijds een groot aantal werklozen en anderzijds grote tekorten aan arbeidskrachten in de tuinbouw. Achtergronden daarvan worden niet over het voetlicht gebracht.

Telegraaf-artikel
De kwestie van frauderende Turken in de bijstand dook ook op op 23 februari, in de Telegraaf. Volgens de rechter is er sprake van discriminatie omdat gemeenten particuliere bureaus vermogensonderzoek laten doen in Turkije, maar niet in andere landen. In recente vonnissen werd daarom bepaald dat betrapte fraudeurs geen geld hoeven terug te betalen. De Telegraaf meldt dat het zou blijken ‘uit een reeks van vonnissen die wij hebben bestudeerd’. Beetje vaag dus. In welk vonnis staat dat? Is het misschien een subjectieve uitspraak van een (particuliere) opsporingsambtenaar? Dat blijkt niet het geval te zijn. In het Telegraaf-artikel wordt met name ingegaan op een uitspraak van de Centrale Raad van Beroep over de handelwijze van de gemeente Tilburg. Die uitspraak van de Centrale Raad van Beroep maar eens opgezocht (1) en wat blijkt? In deze uitspraak komt de schatting van 20% voor. De gemeente Tilburg was een pilot begonnen om fraude op te sporen waarbij alle bijstandsgerechtigden met een niet-nederlandse nationaliteit werden onderzocht maar er werd vervolgens een splitsing in de pilot gemaakt tussen Turkse bijstandsgerechtigden en anderen. En nu komt het: de gemeente Tilburg veronderstelde vooraf dat 20 tot 25 % van hen zou frauderen. Dus de schatting van 20% heeft betrekking op een specifieke steekproef uit Tilburg. Het is dus geen representatieve steekproef onder Turkse Nederlanders. Maar Telegraaf journalist Joris Polman maakte ervan: tegen 20% van de Turkse bijstandsgerechtigden in Nederland bestaat de verdenking dat ze frauderen met onroerend goed.
Interessant is ook wat het onderzoek in de pilot nou eigenlijk opleverde. Vijfhonderdvijftien dossiers van Turkse uitkeringsgerechtigden werden onderzocht. Na een eerste selectie werden 100 dossiers toegezonden aan het bureau dat de fraude moest onderzoeken. Met de andere dossiers was blijkbaar sowieso niets aan de hand. Na een verder indicatieonderzoek bleven 79 dossiers over. Die dossiers werden vervolgens door het bureau dat het onderzoek verrichtte aan een precheck onderworpen. Toen bleven er nog 15 dossiers over die men ‘onderzoekswaardig’ noemde. In de pilot zijn vervolgens 9 van deze dossiers daadwerkelijk onderzocht. In die gevallen werd onroerend goed in Turkije aangetroffen.

Andere bron
Maar als het gaat om het vaststellen van de omvang van fraude met onroerend goed door Turkse bijstandsgerechtigden wordt in de uitspraak nog een andere bron genoemd. Er vond een ‘spoeddebat’ plaats in de Tweede Kamer op 31 maart 2011, waarin zou worden gesteld dat minimaal 10% van de bijstandsgerechtigden van niet-westerse afkomst verzwegen vermogen in het land van herkomst heeft. Althans, zo staat het in de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep. Om te beginnen is dit alvast de helft minder dan de schattingen die door de Telegraaf en Elsevier worden genoemd. Ook deze bron er maar eens bijgepakt. Het blijkt te gaan om een onderzoek van het Bureau Fraude Informatie in opdracht van het Ministerie van Sociale Zaken. Het gaat om een gericht onderzoek naar mensen bij wie men al fraude vermoedde. De bezittingen en inkomsten van 945 personen die in Nederland een bijstandsuitkering ontvangen, zijn nagetrokken. Daarvan bleek 10 procent ook daadwerkelijk te hebben gefraudeerd. De motivatie van de gemeente Tilburg om een nader onderzoek in een pilot in te stellen naar onroerend goed van Turkse bijstandsgerechtigden omdat in zijn algemeenheid 10% zou frauderen is dus op niets gebaseerd. Het gaat alleen maar om 10% van de dossiers die al waren uitgeselecteerd op vermoeden van fraude.
De heren Azmani van de VVD en De Jong van de PVV vroegen een spoeddebat aan in de Tweede Kamer, ook weer naar aanleiding van een artikel in de Telegraaf van 8 februari 2011. Hoewel dus uit niets blijkt dat er op grote schaal iets vreselijks aan de hand is schreeuwen de VVD en de PVV moord en brand, met in hun kielzog de vele rechtse bagger op internet. Ook toen het Telegraafartikel van 23 februari 2018 verscheen brak de rechtse bagger los over hetzelfde onderwerp. De rechter zou gezegd hebben dat het discriminatie is dat in Turkije particuliere onderzoeksbureau’s worden ingeschakeld. Voor de rechtse bagger is dit koren op de molen. Discriminatie?!. Wij Nederlanders worden gediscrimineerd, bij ons wel strenge controles en de Turken gaan vrijuit. De VVD liet weten laaiend te zijn. En weer werd een spoeddebat aangevraagd in de Tweede Kamer. Het patroon is steeds hetzelfde. Wanneer opsporingsinstanties een rapport over opgespoorde fraude van migranten publiceren, of wanneer een verband wordt gelegd tussen migratie en bijstand zoals bij de publicatie van het CBS over de oorzaak van de geldtekorten in het bijstandsbudget ven gemeenten die het gevolg zouden zijn van de komst van politieke vluchtelingen, verschijnt er een suggestief artikel in de Telegraaf en daarop volgend wordt door VVD, PVV of Forum voor Democratie een spoeddebat aangevraagd in de Tweede Kamer, waarbij het Telegraaf-artikel dan als reden wordt genoemd om de urgentie van het ‘probleem’ dat prominent in het nieuws komt aan te tonen. Deze strategie volgt de VVD al minstens sinds de jaren negentig van de vorige eeuw.

Achtergrond van de rechterlijke uitspraak
Nog even terug naar de in dit artikel behandelde uitspraak van de Centrale Raad van Beroep. De onderzoekingen in Turkije werden verricht door een commercieel onderzoeksbureau, dat geld verdient met het opsporen van fraude. De onderzoekingen in andere landen werden door een niet-commercieel bureau uitgevoerd. Het is vaste jurisprudentie dat de rechter bewijzen die zijn verzameld door dergelijke commerciele bureau’s niet accepteert. Gemeenten hadden ook bij de opsporing van fraude bij Nederlandse bijstandsgerechtigden dergelijke bureau’s ingeschakeld, die vaak werken op basis van ‘no cure no pay’. De rechters vinden, dat dit niet kan en hebben er een streep door gezet. Gelukkig. De objectiviteit van het onderzoek, de wetmatigheid van gebruikte opsporingsmethoden, de redelijke behandeling van de verdachten komen onder druk te staan als de opsporingsfunctionaris financieel belang heeft bij de opsporing en geld verdient wanneer de fraude zogenaamd wordt aangetoond. Dit betekent echter niet, dat rechters tegen zeer strenge controles zijn.

Dit artikel werd geschreven samen met Meriç Esin
(1) https://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:CRVB:2017:43…

Piet van der Lende

De rechteloosheid van bijstandsgerechtigden

Voor de zoveelste maal sinds de jaren tachtig van de vorige eeuw ontdekken de massamedia de schande van de vele rechteloze armen in Nederland. Behalve De Volkskrant ook de NRC die kopt: “Armoede 1.087.000”. Waarmee wordt bedoeld dat er in een van de rijkste landen ter wereld meer dan 1 miljoen armen zijn. Maar de reportages over armoede in de NRC van afgelopen zaterdag lopen toch weer uit op “blaming the victim”. Het zou aan de armen zelf liggen dat ze arm zijn. Daarom zou er gestreefd moeten worden naar gedragsverandering. Aanpak van de sociale en bureaucratische uitsluiting die in de reportages naar voren komt, blijft daarentegen buiten beeld.

Afgelopen zaterdag verscheen in De Volkskrant het artikel “Rechtsgeleerden maken zich zorgen: ‘Bijstandsfraudeurs slechter beschermd dan verdachten in strafzaken’”, geschreven door Jonathan Witteman. Hij is ook bekend van een reportage in De Volkskrant uit december 2013, toen hij met medewerking van de Bijstandsbond de misstanden aan de kaak stelde bij het dwangarbeidcentrum van stichting Herstelling, werk en uitvoering aan de Laarderhoogtweg in Amsterdam. Daar moesten bijstandsgerechtigden dwangarbeid verrichten. Dit artikel en een zwartboek van de Bijstandsbond hebben ertoe geleid dat de gemeente Amsterdam uiteindelijk een onderzoek liet instellen door het gemeentelijke Bureau Integriteit, waarbij de misstanden werden bevestigd. Daarop werden maatregelen genomen. Het dwangarbeidcentrum is inmiddels gesloten.

Opsporingsmethoden

Teneur van het nieuwe artikel over de rechteloosheid van bijstandsgerechtigden: er worden op grote schaal vergaande opsporingsmethoden ingezet, zoals achtervolgingen, gps-trackers, camera’s en het doorzoeken van databanken, bijvoorbeeld van de OV-chipkaart. De opsporingen van bijstandsfraude vallen beneden de vijftigduizend euro onder het bestuursrecht. De bijstandsgerechtigde is rechtelozer dan een verdachte van een strafbaar feit. In de reportage komt aan de orde dat sociaal rechercheurs naar aanleiding van de verhoorprotocollen verdraaide verslagen opstellen. Dat kunnen de medewerkers van de Bijstandsbond bevestigen, want het gebeurt in Amsterdam ook. Men verdraait de feiten op grote schaal om de zogenaamde fraude te kunnen bewijzen. Een uitspraak in de verhoorprotocollen: “Ik eet iedere dinsdag bij mijn vriendin” wordt dan in het verslag: “Ik eet regelmatig bij mijn vriendin”. De verslagen worden bovendien soms opgesteld door opsporingsambtenaren die het Nederlands qua lezen en schrijven slecht beheersen.

Hopelijk zal de reportage over de misstanden bij de opsporing van fraude van bijstandsgerechtigden ertoe leiden dat ook wat dit betreft maatregelen worden genomen en dat een discussie op gang komt over de onuitvoerbare Participatiewet. Maar dan moet het kwartje wel vallen dat de ingewikkelde principes van de Participatiewet onvermijdelijk tot dit soort praktijken leiden. Denk daarbij aan de verplichting voor bijstandsgerechtigden om inkomen uit bijstand in te leveren als ze kosten besparen of extra inkomsten hebben, en aan de partnertoets. Ook na diep graven door de rechercheurs valt de fraude vaak nauwelijks te bewijzen. Daardoor proberen ze vaak om het moeilijke bewijs op subjectieve en manipulatieve wijze rond te krijgen. Bijstandsgerechtigden met een positie die rechtelozer is dan die van verdachten van een strafbaar feit, decennialange misstanden in de reïntegratie-industrie, voortdurende hetzes tegen baanlozen, waarbij VVD-fractievoorzitter Klaas Dijkhoff de laatste tijd voorop loopt, wanneer gaat de beerput vol onrecht nu eens volledig open? De malversaties in de reïntegratie-industrie zijn begonnen met de Europees Sociaal Fonds-fraude in de jaren negentig. Daarna volgde fraude in de particuliere reïntegratie-industrie. Daarna kwamen de misstanden van het werken met behoud van uitkering, onder meer in Amsterdam met stichting Herstelling. Een gigantische beerput van fraude, misleiding en gesjoemel in veel gemeenten. Niet door mensen in de bijstand, maar door ambtenaren en anderen die werk en winst maken met het disciplineren en repressief bejegenen van baanlozen.

Het zou mooi zijn als het recente artikel van Witteman leidt tot veel ophef in de kringen van organisaties die met bijstandsgerechtigden krijgen te maken. Maar ik denk dat het maatschappelijke middenveld van gesubsidieerde welzijnsorganisaties en het inspraakcircus teveel genuanceerde meewerk-boter op het hoofd heeft om op de herontdekking van de armoede door de massamedia in te spelen.

Piet van der Lende

De ambitieuze doelstellingen van ‘knetter links’

In dit stukje wordt aandacht besteed aan de punten uit het coalitieakkoord over werk en inkomen dat de onderhandelaars van Groen Links, D66, SP en Partij van de Arbeid in Amsterdam hebben afgesloten na de gemeenteraadsverkiezingen.

In de inleiding over de ‘visie’ op werk en inkomen blijkt weinig wat afwijkt van de uitzichtloze mantra’s die wel vaker in dit soort coalitieakkoorden worden geformuleerd. Iedereen moet mee kunnen doen, werk is belangrijk. Daar heb je het weer: wat is werk? Wordt betaalde arbeid bedoeld? En de onbetaalde arbeid dan, bijvoorbeeld van mantelzorgers, die van alle kanten worden ‘gestraft’ voor hun onbetaalde arbeid? Werk -betaald werk dus- is belangrijk omdat het zin geeft en omdat het de beste manier is om armoede te voorkomen staat in het akkoord. Alle argumenten dat dit in veel gevallen niet zo is, blijven buiten beschouwing.

De realiteit is, dat misschien wel driekwart van de bijstandsgerechtigden in de hoofdstad nooit meer betaalde arbeid zal verrichten, omdat ze te lang uit het betaalde werk circuit zijn, de leeftijd van pensioengerechitgde naderen of arbeidsongeschikt zijn. In die zin komt de denkfout bij de benadering van de grote groep weer aan de orde: veel wordt ingezet middels voornemens op het gebied van nieuwe banenplannen, om de mensen weer perspectief te bieden, maar voor een heel grote groep zal dit geen soulaas bieden.

Zijn er niet vele manieren om ‘mee te doen met de stad’ en wat is de visie daarop? Wel wordt de toetsing van de maatregelen aan een ‘breed welvaartsbegrip’ geïntroduceerd. Een goed punt is dat weer meer ingezet wordt op gesubsidieerd werk waarbij hopelijk weer een versterking kan komen van het maatschappelijk middenveld met haar vele organisaties. Verder wordt genoemd dat verdringing van reguliere arbeid moet worden voorkomen, maar verder geen woord over het werken met behoud van uitkering en de leer werk stages.

Hoewel op de schuldhulpverlening wat uitgebreider wordt ingegaan, worden weinig concrete inkomensmaatregelen op het gebied van het minimabeleid genoemd. Het belangrijkste is de verhoging van het inkomen om voor de minimaregelingen in aanmerking te komen tot 130% van het sociale minimum. Wat dit betreft is er ook nog dat de rente die je moet betalen van de Kredietbank wordt verlaagd. Maar ook dit is ingepakt in een vage formulering. Een verhoging van de Individuele Inkomenstoeslag die wij verwacht hadden, wordt niet genoemd. Verder is het een voortzetting van het beleid van Vliegenthart.

Zijn dit nu de ambitieuze doelstellingen van ‘knetter links?” Misschien is dit ook wel een gemakkelijk verwijt: het instrumentarium van de gemeente om de groeiende kloof tussen arm en rijk minstens een halt toe te roepen, een kloof waarover Groot Wassink zich vele malen in de publiciteit zorgen maakt, is beperkt. In zijn nieuwjaarstoespraak voor Groen Links in januari bij de aftrap van de campagne voor de gemeenteraadsverkiezingen gaf Rutger Groot Wassink er blijk van, zich zeer goed bewust te zijn van de relatie tussen te sterke marktwerking met haar recht van de sterkste en de afbraak van solidariteit en gemeenschap, en de kloof tussen arm en rijk.

Citaat uit de toespraak: ‘ In zekere zin liggen wij in de frontlinie van het neoliberalisme. In de mondiale matpartij tussen markt en kapitaal versus mens en overheid. En duidelijker dan elders is hier zichtbaar wat dat betekent voor een samenleving’. Wij zullen hem misschien wel vaker aan deze nieuwjaarstoespraak herinneren. Ik hoop dat we de komende vier jaar met Groot Wassink en zijn coalitiegenoten een positieve, rationele en objectieve beleidsdiscussie kunnen voeren over de beperkingen van de marktwerking, de noodzaak in te grijpen in de markt en de dilemma’s die het beperkte instrumentarium van de gemeente daarbij oproept.
Voorbij de inhoudsloze mantra’s en frames over een extreem links stadsbestuur van de rechtse bagger,, zoals van Forum voor Democratie, of van de VVD die de bijstandsgerechtigden in armoede wil storten bij monde van o.a. Dijkhoff, fractievoorzitter van de VVD in de Tweede Kamer, maar ook voorbij de ongetwijfeld komende propagnada vcan de coalitiepartijen die ter verdediging eenzijdig de positieve kanten van het coalitie akkoord zullen benadrukken, waarvan er overigens vele zijn.

Een geredigeerde en enigszins gewijzigde versie van dit artikel is verschenen in het juni nummer van het maandblad MUG.

Piet van der Lende

Politieke discussie over het gebruik van stroomstootwapens door de politie in GGZ instellingen en andere gezondheidszorginstellingen. De SP is ervoor

Minister Grapperhaus van Justitie wil de taser voorlopig blijven gebruiken

Begin 2018 publiceerde ik twee artikelen over de daklozen in Nederland die worden uitgesloten van hulpverlening omdat ze ‘zelfredzaam” zouden zijn. Zie ‘daklozen in Amsterdam worden vaak niet geholpen’ en ‘daklozen worden gezien als probleem van openbare orde’ In dit verband kwam ter sprake, dat de problematiek van de daklozen door de overheid sterk wordt benaderd als ‘openbare orde” probleem, waarbij de politie stroomstootwapens inzet om verwarde mensen in GGZ instellingen en op straat tot rust te brengen. Een rapport van de Amsterdamse Rekenkamer over deze problematiek heeft blijkbaar weinig effect gehad, want nog steeds komen op het spreekuur van de Bijstandsbond daklozen die niet geholpen worden omdat ze ‘zelfredzaam’ zouden zijn, d.w.z. ze scoren hoog op de krakkemikkige ‘zelfredzaamheidsmatrix’. Zo was er een daklozen die wanhopig op het spreekuur kwam omdat bij niet meer bij HVO terecht kon en de GGZ zei tegen hem: ‘we kunnen je niet helpen, je bent niet verslaafd of psychisch gestoord, je bent zelfredzaam. Amnesty International reageerde in eerste instantie op het gebruik van het stroomstootwapen met het volgende standpunt. Amnesty is niet in alle gevallen tegen het gebruik van het stroomstootwapen, maar omdat het een in potentie levensbedreigend wapen is kan het wapen alleen in de openbare ruimte (dus niet binnen) gebruikt worden onder strenge voorwaarden zoals goed getrainde politieagenten, niet gebruiken bij kwetsbare mensen die extra risico lopen zoals mensen onder invloed van drank of drugs, alleen gebruik van stroomstootwapens op afstand en niet van dichtbij op het lichaam etc. Amnesty vroeg verder om uitstel van de invoering van het wapen.

Politiek

In de Tweede Kamer is men geschrokken van de inzet van het stroomstootwapen in GGZ instellingen. Kamerleden stelden vragen en wilden op korte termijn een antwoord.  Naar aanleiding van de tussentijdse rapportage van de politie over het gebruik van de taser/het stroomstootwapen stelde Kamerlid Van Dam (CDA) vragen over het gebruik van de “drive stun” mode (direct op het lichaam) en over de schaal waarop de taser in ggz-instellingen wordt ingezet. Die inzet zou in minstens tien gevallen zijn gebeurt. De vragen staan hier:

Daarbij staat ook het antwoord van de minister.

Daaruit blijkt, dat de pilot met het stroomstootwapen in ieder geval nog tot 1 januari 2019 duurt. In de antwoorden gaat men geheel voorbij aan de voorwaarden die Amnesty stelde. Men heeft het over een betere training van agenten.  Het blijkt, dat het stroomstootwapen zelfs is ingezet in ziekenhuizen. Het blijkt, dat er dit voorjaar een evaluatierapport komt op basis waarvan wordt beslist of men het wapen wil blijven gebruiken.

De vragende kamerleden kondigden aan, dat als de regering niet op korte termijn een antwoord zou verstrekken er een motie zou worden ingediend in december, om het gebruik van het wapen in GGZ instellingen te verbieden. Dit is op 21 december gebeurd.

Op die dag heeft de Tweede Kamer een motie aangenomen waarin het gebruik van tasers in ggz-instellingen niet langer is toegestaan:

De steun voor de motie was kamerbreed. Tegen stemden de VVD en de PVV (wat je wel kan verwachten) maar ook…..de SP. Ik heb geprobeerd te informeren waarom maar heb geen antwoord gekregen.

Amnesty

Inmiddels neemt Amnesty een heel wat fermer standpunt in. ‘Gebruik Taser door de Nederlandse politie onaanvaardbaar’ kopte de website van Amnesty op 19 februari.

De manier waarop de politie dit stroomstootwapen gebruikt, brengt onaanvaardbare gezondheidsrisico’s met zich mee aldus Amnesty. Dat blijkt uit het op 19 februari  door Amnesty International gepubliceerde rapport Een mislukt experiment: De Taser-pilot van de Nederlandse politie. Per 1 februari dit jaar is officieel de evaluatiefase van het Taser-experiment beëindigd, maar zoals we hiervoor al zagen in de antwoorden op kamervragen mogen de verschillende politieteams  het stroomstootwapen blijven gebruiken tot 1 januari 2019. Amnesty vindt dat onaanvaardbaar in het licht van de bevindingen uit haar rapport en vraagt daarom om onmiddellijke opschorting van het gebruik van de Taser. Lees hier het rapport van Amnesty.

Het wachten is nu op het evaluatierapport dat binnenkort moet verschijnen. De alarmkreten van Tweede Kamerleden en van Amnesty lijken vooralsnog weinig invloed te hebben op het beleid van minister Grapperhaus van Justitie.

Piet van der Lende

De olifant in de kamer en de ineenstorting van het kapitalisme

Het afgelopen weekend ben ik naar het 2.Dh5-festival geweest en daar heb ik een lezing bijgewoond van Howard Nicholas, die werkt aan het International Institute of Social Studies van de Erasmus universiteit in Rotterdam. Zijn lezing had als titel “The global economy at a tipping point”. Eerst een waarschuwing vooraf, die Nicholas in zijn lezing steeds herhaalde. Het is geen prettig verhaal, want je zult gaan lezen dat alles in de samenleving bijna op instorten staat. En dat gaat binnenkort gebeuren. Als je dus een prettige dag wilt hebben, dan kun je dit artikel beter niet tot je nemen.

(Door Piet van der Lende, oorpsronkelijk verschenen bij doorbraak)

Nicholas had zijn lezing in drieën gedeeld. Als eerste behandelde hij de “shift in economic power”, de verschuiving van het zwaartepunt van de economische productie van welvaart van de Verenigde Staten en Europa naar wat vroeger “ontwikkelingslanden” werden genoemd in Oost-Azië en in mindere mate Latijns-Amerika. Met grafieken liet hij zien dat deze verschuiving zich vooral de laatste tien tot vijftien jaar heeft voltrokken.Piet01

 

Bruto Binnenland Product

Dat gold vooral voor de productie van industriële goederen (“manufacturing”), maar nu zijn de Aziatische landen aan het vooroplopen in de robotisering, in de technologische revolutie die gaande is. Azië bouwt wat dat betreft een grote voorsprong op ten opzichte van Europa en de Verenigde Staten. Wat betreft de verschuivingen: die nuanceerde Nicholas later in zijn lezing. Ook Europa (Duitsland) doet mee. Je ziet dat er wat dat betreft ook steeds meer een economische verstrengeling is tussen Europa en Azië. Vanuit Duitsland gaat men steeds meer links leggen tussen bedrijven in Azië en in Duitsland. Europa ontwikkelt zich als tweede economische wereldmacht, wat zal worden versneld door de Brexit van dwarsligger Engeland. Het kan zijn dat zich nu meerdere belangrijke en minder belangrijke economische machtscentra aan het vormen zijn. Overigens zie je dat de productie van goederen zich alweer aan het verplaatsen is van Oost-China, waar de lonen steeds hoger worden, naar andere Aziatische landen zoals Vietnam, waar de lonen nog laag zijn. China kan zijn positie van motor op de wereldmarkt niet volhouden. Ik kom daar nog op terug.

Cyclus

Nicholas relateerde dat aan het tweede onderwerp van zijn lezing, namelijk dat er zich in de economie twee golven voordoen: de langlopende K-wave ofwel de Kondratieff-cyclus van veertig tot vijftig jaar, en de kortlopende Juglar-cyclus van tien tot vijftien jaar. We bevinden ons nu op de bodem van de lange cyclus die omstreeks 1990 is begonnen. Het golfdal was omstreeks 2009 (zie hieronder). Altijd vinden er, zo wijst de geschiedenis uit, op de bodem van de lange golf technologische innovaties plaats en is er een verschuiving van de economische macht naar andere regio’s. Van Groot-Brittannië naar de Verenigde Staten, en vandaar naar Oost-Azië.Piet02

 

Kondratieff-golven.

Verder verklaarde Nicholas de business cycles, de op- en neergaande golfbewegingen, nader. Het punt daarbij is dat er een gestaag neergaande golf is op de lange termijn, maar dat de kortlopende golven deze tendens kunnen versterken. Dat is nu het geval.Pie03

 

Belangrijke data in de Juglar.

Hierboven zien we de kortlopende Jular-golf en de jaren waarin volgens deze golfbeweging een dal was. Hieronder zien we hoe de kort- en langlopende golven in de negentiende eeuw aan elkaar zijn gerelateerd.

Piet04

Golfbewegingen in de negentiende eeuw.

Nicholas hield een slag om de arm wat betreft de vraag of we nu de absolute bodem van de lange golf, die jaren kan aanhouden, hebben bereikt. Het zou nog wat verder omlaag kunnen gaan en versterkt kunnen worden door opkomend protectionisme en handelsoorlogen in de wereld. Maar Nicholas is ook tegen vrijhandelsverdragen als TTIP, door hem “de verkeerde vrijhandel” genoemd. Hierbij krijgen de internationale grote corporaties die wereldwijd opereren veel macht, en je moet maar afwachten of ze hun belofte nakomen dat ze de infrastructuur in landen op het gebied van gezondheidszorg, onderwijs, sociale zekerheid, enzovoorts, niet willen aantasten. Tot nu toe in de geschiedenis zijn we uit de lange neergaande golf gekomen door oorlogen en door opkomend nationalisme en fascisme. In de VS is 37 procent van de productie gelieerd aan de oorlogsindustrie. Door technologische revoluties kunnen steeds grotere hoeveelheden goederen worden geproduceerd, maar op de bodem van de neergaande lange golf is er geen vraag naar. Oorlogen kunnen dit ‘probleem’ oplossen.

Schuldenberg

Het derde onderwerp van zijn lezing was wat hij noemde “de olifant in de kamer”, de vertaling van de Engelse uitdrukking “the elephant in the room”. Ofwel: een probleem dat overduidelijk aanwezig is, maar waar niemand het echt over wil hebben. We hebben een crisis gehad in 2008. Wat in voorgaande crises niet gebeurde, en nu wel, was dat de staten ingrepen in de economie. Banken werden gered van het bankroet door grote hoeveelheden geld te gaan scheppen en in de economie te pompen. We denken hierbij aan de astronomische bedragen die de nationale banken van de westerse landen, zoals de ECB en de FED, in de economie pompen, maar deze bedragen vallen in het niet bij wat China heeft gedaan. De hoeveelheid geld die China in de economieën van de wereld heeft gepompt, overtreffen die bedragen in grote mate. Het resultaat ervan was dat de Chinese economie weer opkrabbelde, en in zijn eentje de wereldeconomie heeft gered ten koste van de opbouw van een gigantische schuldenberg. Maar – en nu komen we op sombere voorspellingen die Nicholas deed – dit bood slechts tijdelijk soelaas. We zien na 2015 de Chinese economie weer stagneren naar minder grote groeicijfers. En ditmaal zal het medicijn van onvoorstelbaar gigantische bedragen in de economie pompen niet meer kunnen.Piet05

 

Nederlandse inflatie en rente.

De gigantische schuldenberg is “de olifant in de kamer”. Dat deze schuldenberg met astronomische bedragen nog niet ineen is geklapt, komt omdat de rente bijna nul is en in sommige landen en bij sommige leningen zelfs negatief. Dat laatste betekent dat de nationale banken als het ware geld geven aan de rijken en grote bedrijven om hen ertoe te brengen om geld te lenen. Maar de rente gaat stijgen, verwacht Nicholas. Dat is in het verleden altijd zo geweest. In dat geval wordt het onmogelijk om de astronomische schuldenberg nog af te lossen, moeten gigantische bedragen aan rente worden betaald en klapt de zaak in elkaar. De rente op tienjarige leningen is al aan het stijgen.

Hierboven zien we een grafiek van de ontwikkeling van de rente van het Nederlandse handelskapitalisme vanaf 1517, waaruit blijkt dat de rente altijd meer dan een paar procent is geweest en dat we op dit moment wat de zeer lage rente betreft in een uitzonderlijke situatie verkeren.

Plezierjachten

De oorzaak van de huidige neergang op de beurzen is de angst voor een stijgende rente. Maar de mainstream economen, zoals de neo-klassieken aan de universiteit en de politici, willen het er niet over hebben, over die olifant. Dat pompen van geld in de economie (lees: gigantische hoeveelheden geld scheppen zonder dat er iets tegenover staat) betekent dat de elite (niet de middenklasse en lager) steeds rijker wordt. De gigantische fortuinen die individuen verzamelen, zijn daar een uiting van. Maar wat doen die mensen? Zij investeren het niet in de reële economie, in de productie, maar beleggen het geld in vastgoed en zij streven naar speculatiewinsten. Met beleggingen in de productie valt veel minder of niets te verdienen, omdat de vraag zich maar weinig uitbreidt. In alle grote steden in de wereld, van Sydney tot Amsterdam, zien we de huizenprijzen sterk stijgen. Daarnaast stijgen de prijzen van bijvoorbeeld gerenommeerde kunst en luxe goederen enorm, bijvoorbeeld plezierjachten van 1 tot 10 miljoen dollar. Die prijzen zijn de laatste tijd 10 procent gestegen, en de prijzen van jachten van 10 miljoen dollar of meer zijn wel met 20 procent gestegen.

In feite geeft men door de negatieve of lage rente gewoon geld aan de zeer rijken. Donald Trump is daarvan een voorbeeld. De huidige Amerikaanse president kreeg in 2011 het aanbod om een grote som geld van een bank te lenen tegen 0,7 procent rente. Trump zei: “Daar ging ik op in en met een druk op de knop van de computer kocht ik daarvoor US Bonds met 3,7 procent rente”. Nicholas legde uit waarom men bewust veel geld geeft aan de superrijken en niet aan de arbeiders en de middenklasse. De vrije markt-econoom Milton Friedman heeft bij de bestudering van de lange golf vastgesteld dat als de rijken rijker worden en hun bezittingen hun waarde behouden, bijvoorbeeld aandelen en obligaties, dat dan de bodem van de lange golf korter zou zijn. Men probeert een grote waardevermindering van aandelen en dergelijke te vermijden. Wanneer het voor de rijken mogelijk wordt gemaakt om weer te investeren in de economie bij een licht toenemende vraag, dan ben je sneller uit het dal. Als de zeer rijken met een gigantische waardevermindering van hun bezittingen te maken hebben, dan kunnen ze niet meer investeren. En geld geven aan de arbeiders en zo zou de inflatie enorm aanwakkeren. En de economie zou weer stagneren.

Nicholas legde uit dat deze krankzinnige theorie nu heeft geleid tot een tijdbom die men ontkent, ofwel: “de olifant in de kamer”. Hij voorspelt zelfs dat de komende weken cruciaal zijn. We zien nu al de eerste signalen dat het misgaat. En hij is nog somberder. Hij vertelde hoe Trump aan de macht was gekomen. Volgens Nicholas hebben met name witte, arme en deels werkloze Amerikanen op Trump gestemd. Onder Barack Obama was de werkloosheid onder de zwarte bevolking en onder migranten weliswaar hoger dan onder de witten, maar die is gestabiliseerd of zelfs teruggelopen, terwijl de werkloosheid onder de witte Amerikanen enorm is toegenomen. Veel van die witten hebben daarom op Trump gestemd. Zo zie je dat economische problemen met als gevolg uitzichtloosheid voor velen leiden tot racisme, rechts-radicalisme en zelfs fascisme. Obama heeft als het ware bij gelijkblijvende of zelfs nog toenemende werkloosheid alleen maar een kleine verschuiving bewerkstelligd. Nicholas zegt er wel bij dat in de VS de werkloosheidscijfers voortdurend veranderen, omdat het begrip werkloosheid voortdurend anders wordt gedefinieerd, waardoor vergelijkingen in de tijd moeilijk zijn. Zo worden sinds enige tijd werklozen die langer dan 9 maanden werkloos zijn niet meer als werklozen beschouwd, omdat men ervan uitgaat dat de werkloosheid van die mensen hun eigen keuze is. Ook de inflatiecijfers worden gemanipuleerd. Zo wordt een nieuwe computer, die 10 procent meer rekenkracht heeft dan een oudere en die ook duurder is, niet als een duurdere computer beschouwd, omdat hij meer kan. Deze fraude met economische data zie je overigens overal, ook in Nederland. Nicholas is somber over de oorlogen en het opkomende nationalisme en fascisme in deze tijd. Maar hij legt wel een erg directe relatie tussen economische neergang en de opvattingen die mensen hebben. Over de verkiezing van Trump zijn er ook andere analyses, waarbij blijkt dat ook grote delen van de rijkere Amerikaanse middenklasse op hem hebben gestemd.

Sub-Sahara Afrika

Wat kunnen we ertegen doen? Er zouden volgens Nicholas grassroots-bewegingen moeten komen die centraal stellen dat deze krankzinnige ontwikkeling moet stoppen en dat er geld genoeg is voor werkgelegenheid, gezondheidszorg en onderwijs. De gigantische hoeveelheden geld die in omloop zijn en gebruikt worden voor speculatieve waardestijgingen van onroerend goed en andere objecten bewijzen het. Er moet meer geld ten goede komen aan de mensen die weinig tot niets hebben, om op een andere manier de crisis op te lossen.

Nicholas legde ook nog uit dat hij het bovenstaande verhaal, met name de analyse van business cycles, ook in Azië vertelde aan beursspecialisten en beleggers. Er zaten daarbij soms meer dan 1000 mensen in de zaal. Het bleek dat zij intern deze analyse deelden en ook uitgingen van die op- en neergaande golven en dat zij in hun onderzoeksinstituten de data in dat opzicht analyseerden. Maar zij doen het om er geld aan te verdienen. Niet om er een democratische discussie over te beginnen. Hun analyses worden niet gedeeld met universiteiten en dergelijke, waar mainstream economen vertellen over het evenwicht van vraag en aanbod van dat zogenaamd prachtige kapitalisme. Je mag daar ook niet zeggen dat de golfbewegingen tevens de functie hebben om de arbeidersklasse te disciplineren. In tijden van grote werkloosheid zijn de arbeiders gedwongen om lagere lonen te accepteren, in principe, waarna een opgaande golf kan volgen. De uitgebreide data die beursanalisten verzamelen zijn geheim. Nicholas vertelde de anekdote dat hij de data waar hij inzage in had gehad tijdens zijn optredens voor beleggers, ook gebruikte bij zijn colleges aan de universiteit. Daarop stuurde een van zijn studenten een mail aan gerenommeerde onderzoeksinstituten van beleggers in Azië met de vraag of hij een update van die data kon krijgen. Vervolgens kreeg Nicholas brieven van advocatenkantoren dat hij de data niet mocht gebruiken.

Nicholas ging ook nog in op de positie van sub-Sahara Afrika. Daar liggen de goedkope grondstoffen voor de wereldproductie van eerst Europa, toen Amerika en nu China. Die grondstoffen worden in die landen in de industriële productie gebruikt. Maar toch leveren de landen van sub-Sahara Afrika maar 1,5 procent van de waarde van de wereldproductie. De grondstoffen zijn namelijk spotgoedkoop. Eerst Europa, toen de VS en nu China proberen die productie van zeer goedkope grondstoffen veilig te stellen. Daarom bemoeien ze zich met de politiek in Afrika, waar voortdurend coups plaatsvinden waarbij dictators aan de macht komen die op de rijke landen steunen en de leverantie van grondstoffen verzekeren. Nicholas verwerpt wat dat betreft het verwijt van een samenzweringstheorie. Hij gaf cijfers over het aantal coups dat in sub-Sahara Afrika plaatsvindt. China maakt het voor die landen niet beter, aldus Nicholas. Want China heeft dezelfde uitgangspunten als het westen. Men legt wegen en infrastructuur aan om de afvoer van grondstoffen te bevorderen. Door deze politiek leven 500 miljoen Afrikanen beneden de armoedegrens en is het de enige regio waar deze armoede nog toeneemt.

Ontmythologisering

De analyses van Nicholas over de verschuiving van de economische (en politieke?) machten naar andere regio’s en de voorspelling van een ineenstorting kunnen we ook vinden bij andere hedendaagse onderzoekers. Zo kan het boek “Tijd van woede” van Pankaj Mishra worden beschouwd als een aanvulling op de relatie tussen de economische ontwikkelingen en de opvattingen die mensen hebben. Overal komt de zogenaamde morele superioriteit van de westerse cultuur onder vuur te liggen. De ontmythologisering voltrekt zich onder andere via de opnieuw opkomende anti-racisme beweging en in de kritiek op de verheerlijking van het koloniale verleden. De (burger)oorlogen in de wereld, de genocide die hier en daar wordt gepleegd, zoals in Myamar, de IS, de oorlog in Irak, de terroristische aanslagen, het islamitisch fundamentalisme, de mentaliteit van een zich steeds verrijkende elite, corruptieschandalen en omkoperij, directe en indirecte lobbynetwerken van machtige kapitaalbezitters, het zijn geen achterlijke, archaïsche verschijnselen die voortkomen uit “andere culturen” of uit de algemene slechtheid van de mensen, wat moreel bestreden zou moet worden met westerse waarden, waarmee de mythe van het moreel superieure westen met haar vooruitgang en haar hoogstaande waarden en normen zou worden bevestigd. Nee, het zijn juist verschijnselen die uit de tegenstrijdigheden en het failliet van de westerse moderniteit zelf voortkomen. De westerse moderniteit schept radeloze op zichzelf teruggeworpen individuen, losgeslagen uit sociale verbanden, die in concurrentie met anderen moeten zien te overleven. Dat leidt tot de excessen die hierboven werden genoemd. En tot het opnieuw opleven van nationalisme, rechts-radicalisme en nog erger. Die ontmythologisering van de westerse ideologieën, waaronder ook traditioneel linkse standpunten die als alternatief voor het neo-liberalisme worden gepresenteerd, zoals het concept van de socialistische planeconomie met haar verheerlijking van het aloude taylorisme, leidt tot het inzicht dat het failliet van de westerse moderniteit onvermijdelijk is. Nieuwe oorlogen liggen daarbij op de loer. Zoals het in het dal van de Kondratieff-yclus altijd is geweest, zou ik willen zeggen. Wat komt ervoor in de plaats? Mishra weet het eigenlijk ook niet.

Een andere aanvulling op de analyse van Nicholas is te vinden in het boek “De onzichtbare hand” van Bas van Bavel. Nicholas gaat terug naar het begin van de industriële revolutie, maar Van Bavel analyseert ook andere kapitalistische marktsamenlevingen in de geschiedenis, van Irak tot de Italiaanse Renaissance en van het Hollandse handelskapitalisme tot de tijd na de industriële revolutie. Van Bavel zegt dat de geldeconomie (ruilen van goederen als resultante van de productie op de markt) van alle tijden is en in de meeste samenlevingen historisch gezien voorkomt. Maar dat is geen kapitalistische markteconomie. Daarvoor moet niet alleen de resultante van de productie, de output, aan marktwerking onderhevig zijn, maar ook de input, dus de grond, arbeid, kapitaal en hulpstoffenproductie. Dat is in de geschiedenis maar in beperkte mate het geval geweest. In de samenleving in Irak, 500 na Chr., in het Italië van de Renaissance en in het handelskapitalisme in Nederland in de zogenaamde Gouden Eeuw, of eigenlijk daaraan voorafgaand. En daarna dus de industriële revolutie in het Westen. Van Bavel doorbreekt met zijn analyse de rigide stufen-theorieën van het marxisme, als zou er alleen na de industriële revolutie sprake zijn geweest van kapitalisme. Zijn analyse is dat bij het proces waarbij ook de input onderhevig wordt aan de markteconomie aanvankelijk een combinatie bestaat met oudere productievormen en principes, maar ook met nieuwe gemeenschapsvormen, die de grond, arbeid en kapitaal gedeeltelijk in handen hebben. Gilden, beheer van gemeenschappelijke gronden, coöperaties, dorpssamenlevingen met gemeenschappelijk bezit, kortom, wat tegenwoordig de “commons” worden genoemd. In deze fase van de ontwikkeling van het kapitalisme is er groei van welvaart. De markteconomie is als het ware een aanvulling op die andere manieren van productie en invloed. Want in die samenlevingen bestaat een betrekkelijk grote gelijkheid en toegang tot de welvaart voor de meesten en ook politieke invloed voor de meesten. Niet het kapitalisme als zodanig heeft welvaart gebracht, maar de verworven rechten van de arbeidersklasse, die sociale zekerheid en democratie (algemeen kiesrecht) hebben afgedwongen. Dat is volgens Van Bavel de eerste fase in de ontwikkeling van markteconomieën. Maar in de tweede fase, waarin de markteconomie dominant wordt, worden al die alternatieve productiemethoden vernietigd en ontstaat er steeds grotere (sociale en materiële) ongelijkheid en trekken de steeds rijker wordende rijken de politieke macht naar zich toe. Zij beleggen niet meer in productie, maar in speculatie en financiële vermeerdering van hun kapitaal. Dat is in alle bovengenoemde kapitalistische markteconomiën gebeurt. Op onze zogenaamde Gouden Eeuw, waarin overigens de meerderheid van de bevolking in grote armoede leefde, volgde de stagnerende regentenmaatschappij van de achttiende eeuw. Hetzelfde gebeurt nu. Van Bavel noemt daarbij het Amerika van Trump. Voor Nederland verwacht hij deze ontwikkeling de komende tien tot twintig jaar.

Dat was het. Prettige dag verder.

Piet van der Lende

(Dit is een geredigeerde versie van een artikel dat gisteren op de weblog van de Bijstandsbond verscheen.)

Bijverdienregelingen in de Participatiewet en de experimenten met bijverdienen in Amsterdam

Globaal bestaan er in de Participatiewet drie bijverdienregelingen voor drie doelgroepen. Ten eerste voor hoofden van een-ouder gezinnen. Die regeling kun je hier vinden. Daarnaast zijn er regelingen voor bijstandsgerechtigden met en zonder een medische urenbeperking. Die regeling kun je hier vinden. Die kun je hier vinden.

Per 1 februari wil de gemeente Amsterdam een experiment beginnen om bijstandsgerechtigden niet een vrij te laten bedrag te laten houden, maar een premie te verstrekken van maximaal 200 euro per maand. Op 22 januari is er een voorlichtingsbijeenkomst in het Wibauthuis, waar ambtenaren van de sociale dienst (WPI) informatie geven over het experiment. Wibautstraat 3b. De voorlichting is van 19.00 uur tot 21.00 uur. Iedereen is welkom. Hier vind je de uitnodigingsbrief en een uitleg van het experiment.

Als je aan het experiment wilt meedoen, moet je je opgeven voor 31 januari. Je kunt ten allen tijde met het experiment stoppen.

Mensen bellen de Bijstandsbond met de vraag: wat vinden jullie hiervan? Drie opmerkingen hierover.

  • Ten eerste is het de vraag, of de uitvoering van de regeling wel vlotjes zal verlopen. Er zijn zoals hierboven omschreven al drie bijverdienste regelingen en bij de uitvoering daarvan worden veel fouten gemaakt. Met name bij de afdeling Terugvordering en Verhaal. Uitvoering van de regeling is ook erg ingewikkeld. Een voorbeeld. Iemand heeft een WW-uitkering van het UWV, die loopt per 4 weken. Daarnaast heeft betrokkene een aanvullende bijstandsuitkering die loopt per maand. Nou gaat zo iemand er in deeltijd bij werken, hoe moet je dat dan berekenen? Nog een voorbeeld. Iemand gaat twee weken tijdelijk werken. De eerste week is de laatste week van de maand, de tweede week is de eerste van de volgende maand. Dan moet de eerste week van het werk aan een maand toegerekend worden en de tweede week aan de volgende maand. Ook worden er fouten gemaakt met bruto-netto verrekeningen. Onze ervaring is ook, dat bijstandsgerechtigden vaak helemaal niet op de hoogte zijn van de bijverdienste regelingen en ze worden er ook niet op gewezen, zodat ze alles inleveren zonder te weten dat ze recht hebben op meer. Dus er schort nog wel wat aan de voorlichting. En nu komt er dus nog een vierde regeling bij. Mensen die onder de andere drie regelingen vallen blijven er ook. En in die vierde regeling van Amsterdam specifiek gelden dus voor betrokkenen die onder het experiment vallen de andere regelingen niet.
  • Een tweede punt is, dat met name de mensen in experimentele groep 2 een intensieve begeleiding krijgen. Het is vooralsnog onduidelijk wat die begeleiding inhoudt. Worden ze sterker onder druk gezet, alles maar te aanvaarden? Als je in die groep van het experiment terecht komt weet je dus niet wat je te wachten staat. In alle drie de groepen krijg je bovendien te maken met wetenschappelijke medewerkers van de Universiteit, die je gaan onderzoeken, interviewen, etc. Dit gebeurt meerdere malen.
  • De gemeente kondigt wel ferm aan, dat het experiment 1 februari ingaat, maar politiek Den Haag ligt dwars, met name de VVD en andere rechtse fracties. Op 18 januari was er een kamerdebat over de experimenten, ook in andere gemeenten en daaruit kwam naar voren, dat de gemeente wel verder mag met het experiment. Dus het mag uitgevoerd worden. Maar de staatssecretaris van de VVD kondigde tegelijkertijd aan, na de gemeenteraadsverkiezingen in gesprek te willen met het nieuwe college over de invoering van de zogenaamde tegenprestatie. Van groot belang dus om straks bij de gemeenteraadsverkiezingen NIET te stemmen op een partij die daar voorstander van is.

Wij hopen dat op de voorlichtingsbijeenkomst bezwaren en onzekerheden weggenomen kunnen worden en er meer duidelijkheid komt over de ins en outs van het experiment.

Piet van der Lende

Daklozen neergezet als probleem van openbare orde

Ongeveer tweederde van de daklozen in Amsterdam wordt niet geholpen om hun leven weer op de rails te krijgen. Ze worden aangemerkt als “zelfredzaam”, op basis van een onduidelijke beoordeling via een krakkemikkig testje: de “zelfredzaamheidsmatrix”. Sinds enkele weken verschijnt er een stortvloed aan rapporten en mediaberichten over de slechte behandeling van daklozen.

Mijn eerdere artikel op deze weblog over “zelfredzame” daklozen was gebaseerd op spreekuurervaringen bij de Bijstandsbond en op een rapport van de Rekenkamer Metropool Amsterdam. Enige tijd geleden kwam het nieuws over de behandeling van daklozen op gang met een reportage van het televisieprogramma Een Vandaag. Daarin kwam naar voren dat de taser, het nieuwe stroomstootwapen van de politie, vooral wordt ingezet om verwarde mensen op straat onder controle te houden. Aangezien er voor deze groep mensen verder geen hulpverlening is, krijgen ze alleen maar met dit wapen te maken. De betrokkenen kunnen niet terecht bij de instellingen van de Geestelijke Gezondheidszorg (GGZ), want die moeten bezuinigen. En wat bleek? De taser wordt ook bij de GGZ gebruikt. Het wanhopige personeel belt de politie om mensen tot rust te brengen met het stroomstootwapen. Amnesty International reageerde daarop en constateerde dat het wapen vooral wordt toegepast bij de zwaksten in de samenleving. De Rotterdamse korpschef Paauw liet op 18 december 2017 weten dat de politie niets te zoeken heeft in die GGZ-instellingen. Maar “ze zeggen blij te zijn ons erbij te kunnen halen, als ze zelf patiënten niet meer onder controle kunnen krijgen”, aldus de korpschef.

Midden- en Oost-Europa

Daarna verschenen er veel rapporten over de problematiek van op straat of in opvanghuizen rondzwervende mensen. Uit een onderzoek van het Platform voor onderzoeksjournalistiek Investico, in samenwerking met het actualiteitenprogramma Nieuwsuur en weekblad De Groene Amsterdammer, blijkt dat volgens experts het aantal ‘nieuwe’ daklozen in de nasleep van de financiële crisis sterk is gegroeid. Het totaal aantal daklozen in Nederland groeide tussen 2009 en 2015 met 74 procent (van 18 duizend naar 31 duizend), aldus het Centraal Bureau voor de Statistiek. Die stijging is mede een gevolg van de bezuinigingen op de GGZ- en jeugdopvang. Ook dit onderzoek laat zien dat de problematiek te lijf wordt gegaan door “zelfredzame” daklozen uit te sluiten van de hulpverlening.

Een ander rapport werd uitgebracht door de Participatieraad in Amsterdam. Dat is een adviesorgaan van de gemeente waarin allerlei belangenorganisaties zitting hebben. In september en oktober 2017 interviewde deze raad Amsterdamse dak- en thuislozen over de bejegening door drie speciale daklozenloketten. Hier was de constatering dat in Amsterdam verreweg de meesten geen gebruik maken van de publieke voorzieningen, met uitzondering van de winteropvang aan de Havenstraat. Zij leven zonder uitkering, zonder budgetbeheer. De Participatieraad meldt dat de inventiviteit en de overlevingskunst onder de daklozen groot is, maar dat ze het niet zouden redden zonder de hulpverlening van particuliere en kerkelijke initiatieven. Een groot deel van de daklozen komt uit Midden- en Oost-Europa.

In het Nederlands Juristenblad van december 2017 stond ook het artikel “De zelfredzame dakloze”, geschreven door Jochem Westert en Caroline de Groot. Dakloze mensen zonder psychische problemen of verslavingsproblematiek worden in feite geacht zichzelf te redden, al dan niet met behulp van een eigen netwerk of aanvullende particuliere initiatieven. De verwachtingen die de overheid heeft van de dakloze en zijn netwerk zijn echter niet reëel. De staat zou objectieve criteria moeten invoeren aan de hand waarvan kan worden bepaald of er sprake is van individuele nood die opvang rechtvaardigt. De uitsluiting van de toegang tot opvang op basis van het “eigen kracht”-criterium kan maatschappelijke teloorgang tot gevolg hebben. Om die reden zou het criterium van “zelfredzaamheid” minder tot uitsluiting van opvang moeten leiden.

Incidenten

Op 18 december merkte diezelfde Rotterdamse korpschef ook nog op dat zijn dienst grote zorgen heeft over het toenemend aantal gewelddadige incidenten met verwarde mensen. Ook de ernst daarvan is in 2017 toegenomen. Het korps heeft de categorie “verwarde personen” voor het eerst opgenomen in het “dreigingsbeeld”, een overzicht van onderwerpen die “een potentieel risico vormen op ontwrichting van de Rotterdamse samenleving”.

Het aantal heel ernstige incidenten blijft toenemen. In 2014 werden er ruim zesduizend gemeld bij de Rotterdamse politie. In 2017 verwacht de korpschef uit te komen op ruim achtduizend. De politie wordt ook ingeschakeld door de crisisdienst van de gemeente om mensen onder controle te krijgen die zichzelf of anderen willen verwonden. Paauw laat weten dat de oorzaken onduidelijk zijn, maar ook hij meent dat bezuinigingen in de zorg een rol hebben gespeeld. Verder wijst hij op de afname van de mogelijkheden om iemand op te nemen, en op verminderd medicijngebruik.

No go area’s

Hé, ze worden wakker bij de media en de politie. Duizenden mensen zwerven op straat rond of trekken uitzichtloos van opvanghuis naar opvanghuis. Hun aantallen zijn de afgelopen jaren fors toegenomen. En dan hebben we ook nog de ‘verborgen’ armoede bij bijstandsvrouwen, baanlozen en ouderen, om maar eens wat te noemen. Je merkt er op straat niet veel van. Deze mensen bezorgen geen overlast en proberen wanhopig om in stilte de eindjes aan elkaar te knopen. Dagen bezuinigen op het eten, schulden maken en met kunst en vliegwerk schulden aflossen. De kloof neemt toe tussen de rijken die steeds rijker worden en de armen die steeds armer worden. Minister-president Rutte en zijn aanhang proberen de mensen rustig zand in de ogen te strooien. Het gaat fantastisch met de economie, beweert men. Maar nu begint vanwege alle bezuinigingen in de sociale zekerheid en bij de gezondheidszorg in het algemeen en de GGZ in het bijzonder een openbare orde-probleem te ontstaan. Nu gaat men optreden. Want ja, we moeten er geen last van hebben, natuurlijk.

Protesteren ze bij de GGZ tegen de bezuinigingen? Staat de GGZ-leiding achter het wanhopige personeel? Nee dus. Ach, verklaart de GGZ Nederland officieel, de cijfers van de politie zeggen weinig. Er worden mensen dubbel geteld die meerdere malen overlast bezorgen. En de samenleving wordt intoleranter, enzovoorts. In feite laat men de burgerij weten: gaat u maar rustig slapen, wij gaan meer politieagenten inzetten met nieuwe wapens die de zaak onder controle moeten houden, ook intern. Op weg naar een samenleving, net als in de VS, met in sommige gebieden no go area’s waar het geweld welig tiert en mensen op straat sterven door honger, armoede of geweld. In Nederland wordt in veel steden een keihard beleid gevoerd tegen de mensen die in armoede leven. Meerdere mechanismen worden ingezet om mensen uit te sluiten van een uitkering of opvang, om op die manier weer meer bezuinigingen te kunnen uitvoeren. Met de bovenomschreven gevolgen.

Piet van der Lende
(Dit is een iets geredigeerde versie van een artikel dat eerder verscheen op de site van Solidariteit.)

Uitspraak Hoge Raad brengt slag toe aan mantelzorgers en de participatiemaatschappij

De Hoge Raad adviseert in een uitspraak op 8 december dat de wetgever de uitzondering, dat bloedverwanten in de tweede graad wanneer er sprake is van mantelzorg geen gezamenlijke huishouding voeren, te schrappen. De wetgever moet deze beslissing nemen. (HR:2017:3081 te vinden op rechtspraak.nl). Dit heeft grote negatieve gevolgen voor het inkomen van de mantelzorgers, die hun broer, zuster of bijvoorbeeld grootouder verzorgen omdat ze soms zelfs zonder inkomen kunnen komen te zitten. Dit is de zoveelste (bureaucratische) tegenwerking van mantelzorgers, die hun naaste willen verzorgen. Er zijn niet alleen grote gevolgen voor de mantelzorgers, maar ook voor de hulpbehoevende mensen die verzorgd worden, die het door deze uitspraak extra zwaar krijgen. De verzorging komt onder grote druk te staan. Een overzicht van hoe mantelzorgers en verzorgden al worden tegengewerkt voor de uitspraak van de Hoge Raad vindt u op http://www.bijstandsbond.org/activiteiten/persberichten/opsommingjanuari2018/mantelzorgers.html

De Hoge Raad heeft de uitspraak gedaan in een procedure die was begonnen door een mantelzorger die vond dat hij/zij geen gezamenlijke huishouding voerde met de verzorgde. Op basis van het criterium gezamenlijke huishouding had betrokkene geen recht op een bijstandsuitkering omdat de verzorgde een minimuminkomen had. Wel of geen gezamenlijke huishouding voeren heeft grote gevolgen voor het inkomen op basis van de sociale zekerheidswetten.

In de procedure werd een beroep gedaan op het non-discrimintatie beginsel van artikel 26 van het IVBPR. (Internationaal verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten). De advocaat van de betrokkene voerde aan, dat bij bloedverwanten in de tweede graad er geen sprake is van een gezamenlijke huishouding (broer en zuster, grootouder en kleinkind) en bij anderen wel. Dit op basis van artikel 3 lid 2 onderdeel a van de Participatiewet (voor bijstandsuitkeringen) waarin deze uitzondering geregeld is.

De Hoge Raad heeft nu uitgesproken dat er bij het bovenstaande artikel in de Participatiewet inderdaad sprake is van discriminatie. De Centrale Raad van Beroep had eerder in deze zaak ook uitgesproken, dat er sprake was van discriminatie en dat om alles gelijk te trekken niet alleen bij bloedverwanten in de tweede graad, maar bij iedereen in een mantelzorgsituatie er vanuit moet worden gegaan, dat er geen sprake is van een gezamenlijke huishouding. De Hoge Raad zet hier een streep door en tikt de Centrale Raad dus op de vingers.

Volgens de Hoge Raad kan deze discriminatie ook worden opgeheven door het schrappen van deze uitzondering. De Hoge Raad acht de keuze van de CRvB, om de uitzondering ook van toepassing te verklaren op de situatie van belanghebbende, in strijd met het uitgangspunt van de Participatiewet om bij de beoordeling of een persoon recht heeft op een bijstandsuitkering, in situaties van een gezamenlijke huishouding rekening te houden te houden met de middelen van de partner, ongeacht de graad van verwantschap. De Hoge Raad acht de wijze waarop de geconstateerde discriminatie moet worden opgeheven, in beginsel voorbehouden aan de wetgever. Voor ingrijpen van de rechter kan wel aanleiding bestaan indien de wetgever na kennisneming van dit arrest nalaat zelf een regeling te treffen die de discriminatie opheft.

De uitspraak betekent dat de wetgever nu een beslissing moet nemen, gaan we de uitzondering schrappen of gaan we die op iedereen van toepassing verklaren. Met het advies van de Hoge Raad…. de uitzondering te schrappen. Dit is een slag in het gezicht van veel mantelzorgers, die een bloedverwant in de tweede graad verzorgen en van degenen die verzorgd worden.

Veel mantelzorgers gaan samenwonen met degene die zorg nodig heeft, om de verzorging goed te laten verlopen. Als dan wordt aangenomen dat je een gezamenlijke huishouding voert heeft dat grote gevolgen voor de verzorging en op het gebied van de sociale zekerheid. Het heeft gevolgen voor eventuele toeslagen van de belastingdienst, die lager kunnen worden, en wanneer bijvoorbeeld de mantelzorger of degene die verzorgd wordt een bijstandsuitkering heeft kan die komen te vervallen wanneer de ander ook een inkomen heeft. Er kunnen door alle problemen extra spanningen ontstaan tussen de verzorger en de verzorgde.

Nu al nemen veel potentiële mantelzorgers de beslissing, de verzorging niet op zich te nemen, vanwege de grote gevolgen die dit heeft op allerlei gebied. Een overzicht van hoe mantelzorgers in allerlei opzichten worden tegengewerkt kunt u vinden op http://www.bijstandsbond.org/activiteiten/persberichten/opsommingjanuari2018/mantelzorgers.html

Naast een overzicht is er een relaas van een mantelzorger, die zijn woning dreigt kwijt te raken, nu degene die hij verzorgde overleden is.

Piet van der Lende

”Westerse markteconomie heeft langste tijd gehad”

De Nederlandse Piketty?

Historisch onderzoek naar opkomst en verval van markteconomieën

Alweer uit halverwege 2016, maar iemand wees mij op onderstaand boek. Al in de negentiger jaren van de vorige eeuw ontwikkelde Van Bavel zijn transitieteeoriën in zijn dissertatie. B.J.P. van Bavel – (1999) Transitie en continuiteit. De bezitsverhoudingen en de plattelandseconomie in het westelijk gedeelte van het Gelderse rivierengebied ca 1300 ca 1570. Werken Gelre 52. Hilversum. Dat boek is uit 1999 en onderstaand boek verscheen in 2016 dus je kunt zeggen dat Van Bavel lang over de materie nagedacht heeft, hoewel dat ook weer geen absolute garantie is dat iemand iets zinnigs heeft te zeggen, overigens. Maar ik ga een poging wagen dit te lezen. Van Bavel is gisteren op de radio geweest omdat zijn boek is vertaald naar het Nederlands, oorspronkelijk alleen in het Engels uitgegeven. Ook de Nederlandse titel ‘De onzichtbare Hand’. Hij heeft een voorwoord en nawoord bij de vertaling gegeven en gaat in op de huidige situatie. Amerika bevindt zich volgens zijn theorie in de laatste fase van ineenstorting van de markteconomie en verwijst naar de regering trump met zes miljardairs daarin. Het recente belastingplan met nagenoeg afschaffing van de erfbelasting waardoor de rijkdom wordt veiliggesteld en vergroten kan. In Nederland duurt het volgens hem nog tien tot 20 jaar voordat de markteconomie ineenstort.

Bas van Bavel, ‘The Invisible Hand? How Market Economies have Emerged and Declined Since AD 500’

De markteconomie van onze westerse samenleving wordt vaak gezien als voorwaarde voor blijvende vooruitgang en economische groei, maar dat blijkt een misvatting. Het boek van economisch historicus prof. dr. Bas van Bavel van de Universiteit Utrecht maakt duidelijk dat alle markteconomieën door de eeuwen heen een cyclus doormaken en na een periode van opbloei in verval raken en zelfs verdwijnen. Bepaalde symptomen die in het verleden steeds het verval van een markteconomie aankondigden, zijn in onze tijd ook zichtbaar. Het is daarmee aannemelijk dat het einde van de Westerse markteconomie in zicht is. Meer informatie: https://www.uu.nl/nieuws/westerse-markteconomie-heeft-langste-tijd-gehad

Piet

Daklozen in Amsterdam worden vaak niet geholpen

Artikel in Trouw van vandaag. Namens de Bijstandsbond kan ik de conclusies van de Rekenkamer alleen maar bevestigen.

https://www.trouw.nl/samenleving/rapport-amsterdamse-daklozen-krijgen-te-weinig-hulp~add33113/

Het rapport van de Rekenkamer kunt u hier vinden

https://publicaties.rma.colophon.cc/wachten-op-opvang/

Er zijn steeds moeilijkheden met de registratie van en de uitkeringsverstrekking aan dak en thuislozen. Mensen die in feite dakloos zijn moeten naar het loket bijzondere doelgroepen maar worden weer wegestuurd omdat ze niet dakloos zouden zijn omdat ze bv tijdelijk (een maand of twee maanden) ergens permanent kunnen wonen. Ze moeten dan naar het reguliere loket en worden daar ook weer weggestuurd onder het motto: je bent dakloos. Kastje naar de muur verhaal. Soms vind er een onderzoek plaats waarbij in het park wordt gekeken of de dakloze op de aangegeven plaats wordt aangetroffen. Hier zijn veel misverstanden over. Voortdurend gaat handhaving op pad om daklozen op te zoeken, op hun verblijfadres of in het park. Van te voren wordt aan hen gevraagd wanneer ze daar aanwezig zijn, op welke tijden, waarna vaak een bezoek buiten deze tijden plaatsvindt, buiten de afspraken, de dakloze niet wordt gevonden en de uitkering niet wordt toegekend of voor de zoveelste maal wordt stopgezet. Hetzelfde gebeurt op adressen waar de dakloze een paar machten mag slapen.

Ook zijn er dus misverstanden over iemands status, of hij/zij wel dakloos is. Wanneer iemand zich meldt bij het loket bijzondere doelgroepen als dakloze moet ervan worden uitgegaan dat dit ook zo is. Een recente maatregel is, dat daklozen een sms moeten sturen naar handhaving ‘s avonds waar ze die nacht verblijven. Er was eerst al een 7 dagen formulier, waarop de dakloze moest invullen waar hij de komende tijd ’s nachts verbleef. hoewel wordt gezegd dat dit is afgeschaft, schijnt het nog steeds te worden gebruikt. Nu dus de sms methode. We kregen prompt een dakloze op het spreekuur die slecht kan lezen en schrijven en die op zijn mobiele telefoon een sms kreeg met een uitgebreide uitleg in ingewikkeld nederlands over zijn plicht iedere avond een sms te sturen naar de handhaver. Hij kon het niet lezen. Bovendien heeft hij nu geen telefoon meer, want hij heeft zijn telefoon verkocht om te kunnen eten, die dag. Hoe nu?

Alles wordt zeer bureaucratisch afgehandeld. De ambtenaar kijkt soms niet naar de mens tegenover hem of haar maar vult bijvoorbeeld bij de intake een formuliertje in. De beroemde ZRM Matrix. De Zelf Redzaamheids Matrix. De ZRM wordt gepromoot door Movisie, het landelijk kennisinstituut en adviesbureau voor het sociaal domein. ‘Wij werken aan een samenleving met veerkracht waarin burgers zoveel mogelijk zelfredzaam zijn. Onze 150 experts ontwikkelen, verzamelen en verspreiden toepasbare kennis en oplossingen voor sociale vraagstukken’. Nou, over de ‘toepasbare kennis en oplossingen voor sociale vraagstukken’ van de 150 experts heb ik zo mijn twijfels. Niet zoeken naar de oorzaken in de neoliberale vechtmaatschappij, maar mensen een beetje opkalefateren om mee te kunnen in de ratrace. En bij wie dat niet lukt? Tsja. Die zoekt het maar uit. Om ideologisch te rechtvaardigen dat je veel mensen niet helpt die in de neoliberale vechtmaatschappij ten onder gaan, zonder de structurele maatschappelijke oorzaken in de neoliberale kapitalistische maatschappij aan de orde te stellen en om tegelijkertijd een ideologische mist te ontwikkelen die het zicht op je keiharde beleid ontneemt door te suggereren dat je vele  ‘arme psychiatrische patienten die er niets aan kunnen doen’ wel helpt vanuit o zo humane motieven is er de ZRM methode. De ZRM is in mijn ogen een tamelijk oppervlakkige aanvechtbare meet methode. Wat meet je nou eigenlijk? Iemand die hoog  scoort op de Matrix, dus volgens het eenvoudige formuliertje als ‘zelfredzaam’ wordt  aangemerkt,  heeft pech gehad, je wordt nauwelijks of niet geholpen. Je mag blij zijn dat je soms een uitkering krijgt en verder zoek je het maar uit. Dit is met de meerderheid van de naar schatting 5000 daklozen in Amsterdam het geval. Het onderzoek van de Rekenkamer bevestigt dit. Lees meer over deze matrix in Amsterdam op http://www.ggd.amsterdam.nl/beleid-onderzoek/psychosociale/zelfredzaamheid/

Het is een gotspe dat VVD wethouder vd Burg reageert met: “We moeten streng zijn”, zegt hij. “Mensen die niet toegelaten worden tot de maatschappelijke opvang weten zich uiteindelijk vaak te redden, en dat is precies de bedoeling.” Met andere woorden: we gooien de deur gedeeltelijk op slot, en dan zijn er mensen die toch overleven. Dat is onze bedoeling. Hoe ze moeten lijden en overleven, dat doet er niet toe. En zijn er ook mensen die niet overleven? Of er dreigt dat ze het niet redden? Dan hebben we een (zeer dure) crisisopvang die misschien wel meer kost dan meer mensen echt helpen en ja, dat heb je natuurlijk altijd bij zo’n beleid ‘wat precies de bedoeling is’ er verdwijnen mensen in het niets.

Piet van der Lende