Bijverdienregelingen in de Participatiewet en de experimenten met bijverdienen in Amsterdam

Globaal bestaan er in de Participatiewet drie bijverdienregelingen voor drie doelgroepen. Ten eerste voor hoofden van een-ouder gezinnen. Die regeling kun je hier vinden. Daarnaast zijn er regelingen voor bijstandsgerechtigden met en zonder een medische urenbeperking. Die regeling kun je hier vinden. Die kun je hier vinden.

Per 1 februari wil de gemeente Amsterdam een experiment beginnen om bijstandsgerechtigden niet een vrij te laten bedrag te laten houden, maar een premie te verstrekken van maximaal 200 euro per maand. Op 22 januari is er een voorlichtingsbijeenkomst in het Wibauthuis, waar ambtenaren van de sociale dienst (WPI) informatie geven over het experiment. Wibautstraat 3b. De voorlichting is van 19.00 uur tot 21.00 uur. Iedereen is welkom. Hier vind je de uitnodigingsbrief en een uitleg van het experiment.

Als je aan het experiment wilt meedoen, moet je je opgeven voor 31 januari. Je kunt ten allen tijde met het experiment stoppen.

Mensen bellen de Bijstandsbond met de vraag: wat vinden jullie hiervan? Drie opmerkingen hierover.

  • Ten eerste is het de vraag, of de uitvoering van de regeling wel vlotjes zal verlopen. Er zijn zoals hierboven omschreven al drie bijverdienste regelingen en bij de uitvoering daarvan worden veel fouten gemaakt. Met name bij de afdeling Terugvordering en Verhaal. Uitvoering van de regeling is ook erg ingewikkeld. Een voorbeeld. Iemand heeft een WW-uitkering van het UWV, die loopt per 4 weken. Daarnaast heeft betrokkene een aanvullende bijstandsuitkering die loopt per maand. Nou gaat zo iemand er in deeltijd bij werken, hoe moet je dat dan berekenen? Nog een voorbeeld. Iemand gaat twee weken tijdelijk werken. De eerste week is de laatste week van de maand, de tweede week is de eerste van de volgende maand. Dan moet de eerste week van het werk aan een maand toegerekend worden en de tweede week aan de volgende maand. Ook worden er fouten gemaakt met bruto-netto verrekeningen. Onze ervaring is ook, dat bijstandsgerechtigden vaak helemaal niet op de hoogte zijn van de bijverdienste regelingen en ze worden er ook niet op gewezen, zodat ze alles inleveren zonder te weten dat ze recht hebben op meer. Dus er schort nog wel wat aan de voorlichting. En nu komt er dus nog een vierde regeling bij. Mensen die onder de andere drie regelingen vallen blijven er ook. En in die vierde regeling van Amsterdam specifiek gelden dus voor betrokkenen die onder het experiment vallen de andere regelingen niet.
  • Een tweede punt is, dat met name de mensen in experimentele groep 2 een intensieve begeleiding krijgen. Het is vooralsnog onduidelijk wat die begeleiding inhoudt. Worden ze sterker onder druk gezet, alles maar te aanvaarden? Als je in die groep van het experiment terecht komt weet je dus niet wat je te wachten staat. In alle drie de groepen krijg je bovendien te maken met wetenschappelijke medewerkers van de Universiteit, die je gaan onderzoeken, interviewen, etc. Dit gebeurt meerdere malen.
  • De gemeente kondigt wel ferm aan, dat het experiment 1 februari ingaat, maar politiek Den Haag ligt dwars, met name de VVD en andere rechtse fracties. Op 18 januari was er een kamerdebat over de experimenten, ook in andere gemeenten en daaruit kwam naar voren, dat de gemeente wel verder mag met het experiment. Dus het mag uitgevoerd worden. Maar de staatssecretaris van de VVD kondigde tegelijkertijd aan, na de gemeenteraadsverkiezingen in gesprek te willen met het nieuwe college over de invoering van de zogenaamde tegenprestatie. Van groot belang dus om straks bij de gemeenteraadsverkiezingen NIET te stemmen op een partij die daar voorstander van is.

Wij hopen dat op de voorlichtingsbijeenkomst bezwaren en onzekerheden weggenomen kunnen worden en er meer duidelijkheid komt over de ins en outs van het experiment.

Piet van der Lende

Daklozen neergezet als probleem van openbare orde

Ongeveer tweederde van de daklozen in Amsterdam wordt niet geholpen om hun leven weer op de rails te krijgen. Ze worden aangemerkt als “zelfredzaam”, op basis van een onduidelijke beoordeling via een krakkemikkig testje: de “zelfredzaamheidsmatrix”. Sinds enkele weken verschijnt er een stortvloed aan rapporten en mediaberichten over de slechte behandeling van daklozen.

Mijn eerdere artikel op deze weblog over “zelfredzame” daklozen was gebaseerd op spreekuurervaringen bij de Bijstandsbond en op een rapport van de Rekenkamer Metropool Amsterdam. Enige tijd geleden kwam het nieuws over de behandeling van daklozen op gang met een reportage van het televisieprogramma Een Vandaag. Daarin kwam naar voren dat de taser, het nieuwe stroomstootwapen van de politie, vooral wordt ingezet om verwarde mensen op straat onder controle te houden. Aangezien er voor deze groep mensen verder geen hulpverlening is, krijgen ze alleen maar met dit wapen te maken. De betrokkenen kunnen niet terecht bij de instellingen van de Geestelijke Gezondheidszorg (GGZ), want die moeten bezuinigen. En wat bleek? De taser wordt ook bij de GGZ gebruikt. Het wanhopige personeel belt de politie om mensen tot rust te brengen met het stroomstootwapen. Amnesty International reageerde daarop en constateerde dat het wapen vooral wordt toegepast bij de zwaksten in de samenleving. De Rotterdamse korpschef Paauw liet op 18 december 2017 weten dat de politie niets te zoeken heeft in die GGZ-instellingen. Maar “ze zeggen blij te zijn ons erbij te kunnen halen, als ze zelf patiënten niet meer onder controle kunnen krijgen”, aldus de korpschef.

Midden- en Oost-Europa

Daarna verschenen er veel rapporten over de problematiek van op straat of in opvanghuizen rondzwervende mensen. Uit een onderzoek van het Platform voor onderzoeksjournalistiek Investico, in samenwerking met het actualiteitenprogramma Nieuwsuur en weekblad De Groene Amsterdammer, blijkt dat volgens experts het aantal ‘nieuwe’ daklozen in de nasleep van de financiële crisis sterk is gegroeid. Het totaal aantal daklozen in Nederland groeide tussen 2009 en 2015 met 74 procent (van 18 duizend naar 31 duizend), aldus het Centraal Bureau voor de Statistiek. Die stijging is mede een gevolg van de bezuinigingen op de GGZ- en jeugdopvang. Ook dit onderzoek laat zien dat de problematiek te lijf wordt gegaan door “zelfredzame” daklozen uit te sluiten van de hulpverlening.

Een ander rapport werd uitgebracht door de Participatieraad in Amsterdam. Dat is een adviesorgaan van de gemeente waarin allerlei belangenorganisaties zitting hebben. In september en oktober 2017 interviewde deze raad Amsterdamse dak- en thuislozen over de bejegening door drie speciale daklozenloketten. Hier was de constatering dat in Amsterdam verreweg de meesten geen gebruik maken van de publieke voorzieningen, met uitzondering van de winteropvang aan de Havenstraat. Zij leven zonder uitkering, zonder budgetbeheer. De Participatieraad meldt dat de inventiviteit en de overlevingskunst onder de daklozen groot is, maar dat ze het niet zouden redden zonder de hulpverlening van particuliere en kerkelijke initiatieven. Een groot deel van de daklozen komt uit Midden- en Oost-Europa.

In het Nederlands Juristenblad van december 2017 stond ook het artikel “De zelfredzame dakloze”, geschreven door Jochem Westert en Caroline de Groot. Dakloze mensen zonder psychische problemen of verslavingsproblematiek worden in feite geacht zichzelf te redden, al dan niet met behulp van een eigen netwerk of aanvullende particuliere initiatieven. De verwachtingen die de overheid heeft van de dakloze en zijn netwerk zijn echter niet reëel. De staat zou objectieve criteria moeten invoeren aan de hand waarvan kan worden bepaald of er sprake is van individuele nood die opvang rechtvaardigt. De uitsluiting van de toegang tot opvang op basis van het “eigen kracht”-criterium kan maatschappelijke teloorgang tot gevolg hebben. Om die reden zou het criterium van “zelfredzaamheid” minder tot uitsluiting van opvang moeten leiden.

Incidenten

Op 18 december merkte diezelfde Rotterdamse korpschef ook nog op dat zijn dienst grote zorgen heeft over het toenemend aantal gewelddadige incidenten met verwarde mensen. Ook de ernst daarvan is in 2017 toegenomen. Het korps heeft de categorie “verwarde personen” voor het eerst opgenomen in het “dreigingsbeeld”, een overzicht van onderwerpen die “een potentieel risico vormen op ontwrichting van de Rotterdamse samenleving”.

Het aantal heel ernstige incidenten blijft toenemen. In 2014 werden er ruim zesduizend gemeld bij de Rotterdamse politie. In 2017 verwacht de korpschef uit te komen op ruim achtduizend. De politie wordt ook ingeschakeld door de crisisdienst van de gemeente om mensen onder controle te krijgen die zichzelf of anderen willen verwonden. Paauw laat weten dat de oorzaken onduidelijk zijn, maar ook hij meent dat bezuinigingen in de zorg een rol hebben gespeeld. Verder wijst hij op de afname van de mogelijkheden om iemand op te nemen, en op verminderd medicijngebruik.

No go area’s

Hé, ze worden wakker bij de media en de politie. Duizenden mensen zwerven op straat rond of trekken uitzichtloos van opvanghuis naar opvanghuis. Hun aantallen zijn de afgelopen jaren fors toegenomen. En dan hebben we ook nog de ‘verborgen’ armoede bij bijstandsvrouwen, baanlozen en ouderen, om maar eens wat te noemen. Je merkt er op straat niet veel van. Deze mensen bezorgen geen overlast en proberen wanhopig om in stilte de eindjes aan elkaar te knopen. Dagen bezuinigen op het eten, schulden maken en met kunst en vliegwerk schulden aflossen. De kloof neemt toe tussen de rijken die steeds rijker worden en de armen die steeds armer worden. Minister-president Rutte en zijn aanhang proberen de mensen rustig zand in de ogen te strooien. Het gaat fantastisch met de economie, beweert men. Maar nu begint vanwege alle bezuinigingen in de sociale zekerheid en bij de gezondheidszorg in het algemeen en de GGZ in het bijzonder een openbare orde-probleem te ontstaan. Nu gaat men optreden. Want ja, we moeten er geen last van hebben, natuurlijk.

Protesteren ze bij de GGZ tegen de bezuinigingen? Staat de GGZ-leiding achter het wanhopige personeel? Nee dus. Ach, verklaart de GGZ Nederland officieel, de cijfers van de politie zeggen weinig. Er worden mensen dubbel geteld die meerdere malen overlast bezorgen. En de samenleving wordt intoleranter, enzovoorts. In feite laat men de burgerij weten: gaat u maar rustig slapen, wij gaan meer politieagenten inzetten met nieuwe wapens die de zaak onder controle moeten houden, ook intern. Op weg naar een samenleving, net als in de VS, met in sommige gebieden no go area’s waar het geweld welig tiert en mensen op straat sterven door honger, armoede of geweld. In Nederland wordt in veel steden een keihard beleid gevoerd tegen de mensen die in armoede leven. Meerdere mechanismen worden ingezet om mensen uit te sluiten van een uitkering of opvang, om op die manier weer meer bezuinigingen te kunnen uitvoeren. Met de bovenomschreven gevolgen.

Piet van der Lende
(Dit is een iets geredigeerde versie van een artikel dat eerder verscheen op de site van Solidariteit.)

Uitspraak Hoge Raad brengt slag toe aan mantelzorgers en de participatiemaatschappij

De Hoge Raad adviseert in een uitspraak op 8 december dat de wetgever de uitzondering, dat bloedverwanten in de tweede graad wanneer er sprake is van mantelzorg geen gezamenlijke huishouding voeren, te schrappen. De wetgever moet deze beslissing nemen. (HR:2017:3081 te vinden op rechtspraak.nl). Dit heeft grote negatieve gevolgen voor het inkomen van de mantelzorgers, die hun broer, zuster of bijvoorbeeld grootouder verzorgen omdat ze soms zelfs zonder inkomen kunnen komen te zitten. Dit is de zoveelste (bureaucratische) tegenwerking van mantelzorgers, die hun naaste willen verzorgen. Er zijn niet alleen grote gevolgen voor de mantelzorgers, maar ook voor de hulpbehoevende mensen die verzorgd worden, die het door deze uitspraak extra zwaar krijgen. De verzorging komt onder grote druk te staan. Een overzicht van hoe mantelzorgers en verzorgden al worden tegengewerkt voor de uitspraak van de Hoge Raad vindt u op http://www.bijstandsbond.org/activiteiten/persberichten/opsommingjanuari2018/mantelzorgers.html

De Hoge Raad heeft de uitspraak gedaan in een procedure die was begonnen door een mantelzorger die vond dat hij/zij geen gezamenlijke huishouding voerde met de verzorgde. Op basis van het criterium gezamenlijke huishouding had betrokkene geen recht op een bijstandsuitkering omdat de verzorgde een minimuminkomen had. Wel of geen gezamenlijke huishouding voeren heeft grote gevolgen voor het inkomen op basis van de sociale zekerheidswetten.

In de procedure werd een beroep gedaan op het non-discrimintatie beginsel van artikel 26 van het IVBPR. (Internationaal verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten). De advocaat van de betrokkene voerde aan, dat bij bloedverwanten in de tweede graad er geen sprake is van een gezamenlijke huishouding (broer en zuster, grootouder en kleinkind) en bij anderen wel. Dit op basis van artikel 3 lid 2 onderdeel a van de Participatiewet (voor bijstandsuitkeringen) waarin deze uitzondering geregeld is.

De Hoge Raad heeft nu uitgesproken dat er bij het bovenstaande artikel in de Participatiewet inderdaad sprake is van discriminatie. De Centrale Raad van Beroep had eerder in deze zaak ook uitgesproken, dat er sprake was van discriminatie en dat om alles gelijk te trekken niet alleen bij bloedverwanten in de tweede graad, maar bij iedereen in een mantelzorgsituatie er vanuit moet worden gegaan, dat er geen sprake is van een gezamenlijke huishouding. De Hoge Raad zet hier een streep door en tikt de Centrale Raad dus op de vingers.

Volgens de Hoge Raad kan deze discriminatie ook worden opgeheven door het schrappen van deze uitzondering. De Hoge Raad acht de keuze van de CRvB, om de uitzondering ook van toepassing te verklaren op de situatie van belanghebbende, in strijd met het uitgangspunt van de Participatiewet om bij de beoordeling of een persoon recht heeft op een bijstandsuitkering, in situaties van een gezamenlijke huishouding rekening te houden te houden met de middelen van de partner, ongeacht de graad van verwantschap. De Hoge Raad acht de wijze waarop de geconstateerde discriminatie moet worden opgeheven, in beginsel voorbehouden aan de wetgever. Voor ingrijpen van de rechter kan wel aanleiding bestaan indien de wetgever na kennisneming van dit arrest nalaat zelf een regeling te treffen die de discriminatie opheft.

De uitspraak betekent dat de wetgever nu een beslissing moet nemen, gaan we de uitzondering schrappen of gaan we die op iedereen van toepassing verklaren. Met het advies van de Hoge Raad…. de uitzondering te schrappen. Dit is een slag in het gezicht van veel mantelzorgers, die een bloedverwant in de tweede graad verzorgen en van degenen die verzorgd worden.

Veel mantelzorgers gaan samenwonen met degene die zorg nodig heeft, om de verzorging goed te laten verlopen. Als dan wordt aangenomen dat je een gezamenlijke huishouding voert heeft dat grote gevolgen voor de verzorging en op het gebied van de sociale zekerheid. Het heeft gevolgen voor eventuele toeslagen van de belastingdienst, die lager kunnen worden, en wanneer bijvoorbeeld de mantelzorger of degene die verzorgd wordt een bijstandsuitkering heeft kan die komen te vervallen wanneer de ander ook een inkomen heeft. Er kunnen door alle problemen extra spanningen ontstaan tussen de verzorger en de verzorgde.

Nu al nemen veel potentiële mantelzorgers de beslissing, de verzorging niet op zich te nemen, vanwege de grote gevolgen die dit heeft op allerlei gebied. Een overzicht van hoe mantelzorgers in allerlei opzichten worden tegengewerkt kunt u vinden op http://www.bijstandsbond.org/activiteiten/persberichten/opsommingjanuari2018/mantelzorgers.html

Naast een overzicht is er een relaas van een mantelzorger, die zijn woning dreigt kwijt te raken, nu degene die hij verzorgde overleden is.

Piet van der Lende

”Westerse markteconomie heeft langste tijd gehad”

De Nederlandse Piketty?

Historisch onderzoek naar opkomst en verval van markteconomieën

Alweer uit halverwege 2016, maar iemand wees mij op onderstaand boek. Al in de negentiger jaren van de vorige eeuw ontwikkelde Van Bavel zijn transitieteeoriën in zijn dissertatie. B.J.P. van Bavel – (1999) Transitie en continuiteit. De bezitsverhoudingen en de plattelandseconomie in het westelijk gedeelte van het Gelderse rivierengebied ca 1300 ca 1570. Werken Gelre 52. Hilversum. Dat boek is uit 1999 en onderstaand boek verscheen in 2016 dus je kunt zeggen dat Van Bavel lang over de materie nagedacht heeft, hoewel dat ook weer geen absolute garantie is dat iemand iets zinnigs heeft te zeggen, overigens. Maar ik ga een poging wagen dit te lezen. Van Bavel is gisteren op de radio geweest omdat zijn boek is vertaald naar het Nederlands, oorspronkelijk alleen in het Engels uitgegeven. Ook de Nederlandse titel ‘De onzichtbare Hand’. Hij heeft een voorwoord en nawoord bij de vertaling gegeven en gaat in op de huidige situatie. Amerika bevindt zich volgens zijn theorie in de laatste fase van ineenstorting van de markteconomie en verwijst naar de regering trump met zes miljardairs daarin. Het recente belastingplan met nagenoeg afschaffing van de erfbelasting waardoor de rijkdom wordt veiliggesteld en vergroten kan. In Nederland duurt het volgens hem nog tien tot 20 jaar voordat de markteconomie ineenstort.

Bas van Bavel, ‘The Invisible Hand? How Market Economies have Emerged and Declined Since AD 500’

De markteconomie van onze westerse samenleving wordt vaak gezien als voorwaarde voor blijvende vooruitgang en economische groei, maar dat blijkt een misvatting. Het boek van economisch historicus prof. dr. Bas van Bavel van de Universiteit Utrecht maakt duidelijk dat alle markteconomieën door de eeuwen heen een cyclus doormaken en na een periode van opbloei in verval raken en zelfs verdwijnen. Bepaalde symptomen die in het verleden steeds het verval van een markteconomie aankondigden, zijn in onze tijd ook zichtbaar. Het is daarmee aannemelijk dat het einde van de Westerse markteconomie in zicht is. Meer informatie: https://www.uu.nl/nieuws/westerse-markteconomie-heeft-langste-tijd-gehad

Piet