Hetze tegen Turkse bijstandsgerechtigden

Regelmatig houden partijen in het politiek rechtse spectrum met in hun kielzog allerlei boze lieden op sociale media en weblogs zich bezig met vreemdelingenhaat en het bashen van bijstandsgerechtigden. Wanneer die twee kunnen worden gecombineerd gaan ze helemaal los. Een voorbeeld is een artikel in Elsevier van Linda Otter waarin de stelling wordt verkondigd, dat 20% van de Turkse bijstandsgerechtigden in Nederland wordt verdacht van fraude met onroerend goed in Turkije. Hieronder een analyse van het artikel, en van de stelling. Aangetoond wordt, dat de aanname berust op leugens, verdraaiingen en suggestieve berichtgeving.

De kwestie van de frauderende Turkse uitkeringsgerechtigden blijkt steeds weer, ondanks het ontbreken van bewijzen, door de PVV, VVD en Forum voor Democratie op de agenda te worden gezet met daarbij de roep om de rechten van bijstandsgerechtigden en migranten verder af te breken en de zeer strenge controles nog verder uit te breiden. Terwijl Jonathan Witteman de rechteloosheid naar voren bracht van bijstandsgerechtigden bij de opsporing van fraude in de Volkskrant van vorige week zaterdag, zette de rechtse bagger de tegenaanval in. In Elseviers weekblad van vorige week een uitgebreid artikel van Linda Otter over frauderende Turkse bijstandsgerechtigden in Nederland die villa’s en ander onroerend goed in Turkije zouden bezitten en dit niet opgeven aan de sociale dienst. Het artikel wordt op sociale media uitgebreid geciteerd als een bewijs voor die klaplopende Turkse bijstandsgerechtigden die de kluit zouden belazeren en waarbij zeer strenge controles nodig zouden zijn. Zonder probleem worden vreemdelingenhaat en bijstandsgerechtigden bashen in een artikel gecombineerd.

Op welke schaal?
Wij hebben het artikel aandachtig gelezen. Voorop gesteld zij, dat fraude natuurlijk voorkomt. En dan bijvoorbeeld bij AOW-ers met de Turkse nationaliteit, die een aanvullende IOA uitkering hebben. Maar op welke schaal? Het artikel wekt de suggestie, dat het zeer vaak voorkomt. Maar het bewijs daarvoor is flinterdun. Er wordt gezegd dat ‘Nederlandse gemeenten’ schatten dat 1 op de 5 Turkse bijstandsgerechtigden op deze manier zou frauderen. Let op het woordje zou. Een bronvermelding wordt niet genoemd. Verderop in dit artikel gaan we de bronnen na van dit bericht. Verder is het artikel gebaseerd op 3 getuigenverklaringen van Turken in Turkije, die geen inkomsten uit Europa hebben. Het zou heel goed kunnen, dat er sociale tegenstellingen beginnen te ontstaan tussen de teruggekeerde Turken, die inkomsten hebben uit hun werk in Europa, en die dit investeren in Turkije, en de rest van de bevolking, die dat niet hebben. In het artikel wordt handig gebruik gemaakt van deze tegenstellingen. De subjectieve verklaringen van deze getuigen op basis van ‘ik heb gehoord dat’ zijn daarom een zeer dun bewijs.

Onbewezen uitspraak
“Bijna alle Turken die in Nederland, Duitsland of België wonen, hebben een huis en een lap grond in Turkije, en velen hebben diverse huizen.” Waar haalt Linda Otter deze informatie vandaan? Als zij spreekt over Turken in Nederland, Duitsland en België dan gaat het om bijna vier miljoen mensen. Zij zegt dat bijna al die Turken een huis en een lap grond in Turkije hebben. En dat velen van hen diverse huizen hebben. Hoeveel zijn dat er dan? Wat verstaat zij onder ‘velen’? Heeft zij het dan over enkelen, tientallen, honderden, duizenden, tienduizenden, honderdduizenden of miljoenen Turken? Ja, het ligt er maar net aan wat je ‘veel’ vindt. Zij vertelt niet hoe zij aan die informatie komt. Is dat ooit onderzocht? Zijn er onderzoeksrapporten waarin die informatie staat? Nergens blijkt dat uit haar artikel. En hoe komt ze d’r bij dat “bijna alle Turken die in Nederland, Duitsland of België wonen, een huis en een lap grond in Turkije hebben”? Ene Ahmet Ozçelik (54) heeft het haar verteld. Wie is dan Ahmet Ozçelik helemaal? Is hij een wetenschapper, een statisticus die dat allemaal keurig heeft onderzocht en netjes vastgesteld? Of is hij een Turks-Duitse boerenlul die zonder iets onderzocht en concreet vastgesteld te hebben alleen maar op basis van zijn subjectieve indrukken en beperkte ervaringen uit zijn nek kletst en verkeerde algemene conclusies trekt. De bronnen van Linda Otter ontbreken of zijn vaag, onduidelijk en onbetrouwbaar. Wat zij van Ahmet Ozçelik heeft gekregen en doorgeeft is geen informatie maar desinformatie. Het artikel speelt alleen de vreemdelingenhaters en de racisten in de kaart. Hen lever je op deze manier munitie aan die zij vervolgens dankbaar en gretig aanwenden voor verdere beknotting van rechten en het plegen van racistische haatzaaierij die tot verdere verdeling en polarisatie in Nederland zal leiden. Dat is iets wat de Nederlandse samenleving niet nodig heeft.

Vijftien mensen op een terras
Nog een quote uit het artikel: ‘Kijk, daar zitten vijftien mensen op het terras, die allen wantrouwend naar ons kijken. Ze gaan me straks vragen wie jij was’. In het artikel wordt de suggestie gewekt, dat het zou gaan om bijstandsgerechtigden. Waarom zouden we van Ahmet Ozçelik zonder meer aannemen dat de vijftien mannen die bij het café in Adayazi zaten te kaarten argwanende blikken wierpen op de buitenlandse bezoeker? Misschien waren het geen argwanende maar nieuwsgierige blikken omdat de mannen niets te verbergen hebben omdat zij een andere uitkering genieten dan een bijstandsuitkering waarvoor meestal geen vermogenstoets geldt. Misschien waren het voor een onbekend groot deel mannen die in Nederland of Duitsland gewoon werkten en er op vakantie of familiebezoek waren. Linda Otter neemt niet de moeite om de waarneming van de getuige te verifieren en het hen te vragen.

Hoe gaat het met Turkije?
Er wordt in het artikel door Ahmet Ozçelik beweerd dat onder Erdogan de Turkse economie gegroeid is, dat Turkije ontwikkeld en gemoderniseerd is enz. Hoe kan het dan dat de staatsschuld sinds Erdogan aan de macht is verdriedubbeld is? Hoe kan het dan zijn dat de werkloosheid onder zijn macht meer dan verdubbeld is? Hoe kan het zijn dat het productievolume in het land onder Erdogan sterk ingekrompen is en het importvolume 38,8% groter is dan het exportvolume? Door Erdogans politiek van ongekende privatisering kwamen miljoenen arbeiders op straat terecht en werd bij honderdduizenden kleine boeren het brood uit de hand gerukt. Die boeren zijn tot een door honger en uitzichtloosheid getekend bestaan veroordeeld. En dan hebben we het nog niet gehad over de situatie van mensenrechten, vakbondsrechten, persvrijheid, de onderdrukking van de Koerden, de alevieten en de andere bevolkingsgroepen onder Erdogans regime. We hebben het ook nog niet gehad over de directe of indirecte betrokkenheid van  Erdogan en zijn regime bij de ontwrichting van Irak en Syrië en medeverantwoordelijkheid voor de moorden en andere misdaden van ISIS, QAÏDA-NUSRA en de andere terroristische moordbendes die onder andere bekend staan als het ‘vrije Syrische leger’ of de ‘gematigde oppositie’.
En we hebben het dan ook niet gehad over de valsheid van het door Erdogan verspreide beeld dat hij door de meerderheid van het volk gewild en gewenst zou zijn. Degenen die beweren dat Erdogan door de meerderheid van het volk gewild zou zijn hebben het niet over de enorme verkiezingsfraude waar Erdogan zich keer op keer schuldig aan maakt. Ze willen niet geconfronteerd worden met het feit dat Erdogan zonder verkiezingsfraude al lang weggestemd zou zijn. Ahmet Ozçelik die duidelijk niet alleen een Erdogan-stemmer, maar bovendien een overtuigd Erdogan-aanhanger is, zal natuurlijk niets anders dan lof spreken over de politiek van Erdogan en de AKP-regering. Die zal de gevolgen van die politiek voor de miljoenen arbeiders en miljoenen arme boeren uiteraard verzwijgen. En misschien kent hij de situatie van de arbeiders en boeren in Turkije helemaal niet. Hij maakt er zelf zo te zien al lang geen deel meer van uit.

De hetze in Nederland
Het zal de rechtse bagger een zorg zijn. Zij hebben in hun propagandamachine weer slachtoffers gevonden om tegenaan te trappen. Op twitter gaan de bashers los. Aandachtig en kritisch beoordelen van het artikel is er niet bij. Het artikel mist zijn uitwerking niet. Ab Flipse is blijkens zijn profiel op twitter ‘geldcoach, mediator en claimexpert. Voorzitter oa Vereniging http://woekerpolis.nl. Wekelijks live op omroep Flevoland. Hij stuurt de volgende tweet de wereld in: ‘Ik ben het zo ongelofelijk zat belasting te blijven betalen aan hen die ons recht in onze smoel uitlachen. Ik voel mij zo ontzettend misbruikt, genaaid en geminacht door mijn eigen hypocriete overheid, dat ik zelfs misselijk ben van woede.’ De tweet is 421 maal geretweet en heeft 565 likes. Honderden tweets worden de wereld ingestuurd met als teneur: er zijn veel Turken in de bijstand die frauderen met onroerend goed in Turkije. Het blijkt een geliefd onderwerp te zijn dat periodiek steeds in het nieuws terugkeert. Net als bijvoorbeeld enerzijds een groot aantal werklozen en anderzijds grote tekorten aan arbeidskrachten in de tuinbouw. Achtergronden daarvan worden niet over het voetlicht gebracht.

Telegraaf-artikel
De kwestie van frauderende Turken in de bijstand dook ook op op 23 februari, in de Telegraaf. Volgens de rechter is er sprake van discriminatie omdat gemeenten particuliere bureaus vermogensonderzoek laten doen in Turkije, maar niet in andere landen. In recente vonnissen werd daarom bepaald dat betrapte fraudeurs geen geld hoeven terug te betalen. De Telegraaf meldt dat het zou blijken ‘uit een reeks van vonnissen die wij hebben bestudeerd’. Beetje vaag dus. In welk vonnis staat dat? Is het misschien een subjectieve uitspraak van een (particuliere) opsporingsambtenaar? Dat blijkt niet het geval te zijn. In het Telegraaf-artikel wordt met name ingegaan op een uitspraak van de Centrale Raad van Beroep over de handelwijze van de gemeente Tilburg. Die uitspraak van de Centrale Raad van Beroep maar eens opgezocht (1) en wat blijkt? In deze uitspraak komt de schatting van 20% voor. De gemeente Tilburg was een pilot begonnen om fraude op te sporen waarbij alle bijstandsgerechtigden met een niet-nederlandse nationaliteit werden onderzocht maar er werd vervolgens een splitsing in de pilot gemaakt tussen Turkse bijstandsgerechtigden en anderen. En nu komt het: de gemeente Tilburg veronderstelde vooraf dat 20 tot 25 % van hen zou frauderen. Dus de schatting van 20% heeft betrekking op een specifieke steekproef uit Tilburg. Het is dus geen representatieve steekproef onder Turkse Nederlanders. Maar Telegraaf journalist Joris Polman maakte ervan: tegen 20% van de Turkse bijstandsgerechtigden in Nederland bestaat de verdenking dat ze frauderen met onroerend goed.
Interessant is ook wat het onderzoek in de pilot nou eigenlijk opleverde. Vijfhonderdvijftien dossiers van Turkse uitkeringsgerechtigden werden onderzocht. Na een eerste selectie werden 100 dossiers toegezonden aan het bureau dat de fraude moest onderzoeken. Met de andere dossiers was blijkbaar sowieso niets aan de hand. Na een verder indicatieonderzoek bleven 79 dossiers over. Die dossiers werden vervolgens door het bureau dat het onderzoek verrichtte aan een precheck onderworpen. Toen bleven er nog 15 dossiers over die men ‘onderzoekswaardig’ noemde. In de pilot zijn vervolgens 9 van deze dossiers daadwerkelijk onderzocht. In die gevallen werd onroerend goed in Turkije aangetroffen.

Andere bron
Maar als het gaat om het vaststellen van de omvang van fraude met onroerend goed door Turkse bijstandsgerechtigden wordt in de uitspraak nog een andere bron genoemd. Er vond een ‘spoeddebat’ plaats in de Tweede Kamer op 31 maart 2011, waarin zou worden gesteld dat minimaal 10% van de bijstandsgerechtigden van niet-westerse afkomst verzwegen vermogen in het land van herkomst heeft. Althans, zo staat het in de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep. Om te beginnen is dit alvast de helft minder dan de schattingen die door de Telegraaf en Elsevier worden genoemd. Ook deze bron er maar eens bijgepakt. Het blijkt te gaan om een onderzoek van het Bureau Fraude Informatie in opdracht van het Ministerie van Sociale Zaken. Het gaat om een gericht onderzoek naar mensen bij wie men al fraude vermoedde. De bezittingen en inkomsten van 945 personen die in Nederland een bijstandsuitkering ontvangen, zijn nagetrokken. Daarvan bleek 10 procent ook daadwerkelijk te hebben gefraudeerd. De motivatie van de gemeente Tilburg om een nader onderzoek in een pilot in te stellen naar onroerend goed van Turkse bijstandsgerechtigden omdat in zijn algemeenheid 10% zou frauderen is dus op niets gebaseerd. Het gaat alleen maar om 10% van de dossiers die al waren uitgeselecteerd op vermoeden van fraude.
De heren Azmani van de VVD en De Jong van de PVV vroegen een spoeddebat aan in de Tweede Kamer, ook weer naar aanleiding van een artikel in de Telegraaf van 8 februari 2011. Hoewel dus uit niets blijkt dat er op grote schaal iets vreselijks aan de hand is schreeuwen de VVD en de PVV moord en brand, met in hun kielzog de vele rechtse bagger op internet. Ook toen het Telegraafartikel van 23 februari 2018 verscheen brak de rechtse bagger los over hetzelfde onderwerp. De rechter zou gezegd hebben dat het discriminatie is dat in Turkije particuliere onderzoeksbureau’s worden ingeschakeld. Voor de rechtse bagger is dit koren op de molen. Discriminatie?!. Wij Nederlanders worden gediscrimineerd, bij ons wel strenge controles en de Turken gaan vrijuit. De VVD liet weten laaiend te zijn. En weer werd een spoeddebat aangevraagd in de Tweede Kamer. Het patroon is steeds hetzelfde. Wanneer opsporingsinstanties een rapport over opgespoorde fraude van migranten publiceren, of wanneer een verband wordt gelegd tussen migratie en bijstand zoals bij de publicatie van het CBS over de oorzaak van de geldtekorten in het bijstandsbudget ven gemeenten die het gevolg zouden zijn van de komst van politieke vluchtelingen, verschijnt er een suggestief artikel in de Telegraaf en daarop volgend wordt door VVD, PVV of Forum voor Democratie een spoeddebat aangevraagd in de Tweede Kamer, waarbij het Telegraaf-artikel dan als reden wordt genoemd om de urgentie van het ‘probleem’ dat prominent in het nieuws komt aan te tonen. Deze strategie volgt de VVD al minstens sinds de jaren negentig van de vorige eeuw.

Achtergrond van de rechterlijke uitspraak
Nog even terug naar de in dit artikel behandelde uitspraak van de Centrale Raad van Beroep. De onderzoekingen in Turkije werden verricht door een commercieel onderzoeksbureau, dat geld verdient met het opsporen van fraude. De onderzoekingen in andere landen werden door een niet-commercieel bureau uitgevoerd. Het is vaste jurisprudentie dat de rechter bewijzen die zijn verzameld door dergelijke commerciele bureau’s niet accepteert. Gemeenten hadden ook bij de opsporing van fraude bij Nederlandse bijstandsgerechtigden dergelijke bureau’s ingeschakeld, die vaak werken op basis van ‘no cure no pay’. De rechters vinden, dat dit niet kan en hebben er een streep door gezet. Gelukkig. De objectiviteit van het onderzoek, de wetmatigheid van gebruikte opsporingsmethoden, de redelijke behandeling van de verdachten komen onder druk te staan als de opsporingsfunctionaris financieel belang heeft bij de opsporing en geld verdient wanneer de fraude zogenaamd wordt aangetoond. Dit betekent echter niet, dat rechters tegen zeer strenge controles zijn.

Dit artikel werd geschreven samen met Meriç Esin
(1) https://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:CRVB:2017:43…

Piet van der Lende

De rechteloosheid van bijstandsgerechtigden

Voor de zoveelste maal sinds de jaren tachtig van de vorige eeuw ontdekken de massamedia de schande van de vele rechteloze armen in Nederland. Behalve De Volkskrant ook de NRC die kopt: “Armoede 1.087.000”. Waarmee wordt bedoeld dat er in een van de rijkste landen ter wereld meer dan 1 miljoen armen zijn. Maar de reportages over armoede in de NRC van afgelopen zaterdag lopen toch weer uit op “blaming the victim”. Het zou aan de armen zelf liggen dat ze arm zijn. Daarom zou er gestreefd moeten worden naar gedragsverandering. Aanpak van de sociale en bureaucratische uitsluiting die in de reportages naar voren komt, blijft daarentegen buiten beeld.

Afgelopen zaterdag verscheen in De Volkskrant het artikel “Rechtsgeleerden maken zich zorgen: ‘Bijstandsfraudeurs slechter beschermd dan verdachten in strafzaken’”, geschreven door Jonathan Witteman. Hij is ook bekend van een reportage in De Volkskrant uit december 2013, toen hij met medewerking van de Bijstandsbond de misstanden aan de kaak stelde bij het dwangarbeidcentrum van stichting Herstelling, werk en uitvoering aan de Laarderhoogtweg in Amsterdam. Daar moesten bijstandsgerechtigden dwangarbeid verrichten. Dit artikel en een zwartboek van de Bijstandsbond hebben ertoe geleid dat de gemeente Amsterdam uiteindelijk een onderzoek liet instellen door het gemeentelijke Bureau Integriteit, waarbij de misstanden werden bevestigd. Daarop werden maatregelen genomen. Het dwangarbeidcentrum is inmiddels gesloten.

Opsporingsmethoden

Teneur van het nieuwe artikel over de rechteloosheid van bijstandsgerechtigden: er worden op grote schaal vergaande opsporingsmethoden ingezet, zoals achtervolgingen, gps-trackers, camera’s en het doorzoeken van databanken, bijvoorbeeld van de OV-chipkaart. De opsporingen van bijstandsfraude vallen beneden de vijftigduizend euro onder het bestuursrecht. De bijstandsgerechtigde is rechtelozer dan een verdachte van een strafbaar feit. In de reportage komt aan de orde dat sociaal rechercheurs naar aanleiding van de verhoorprotocollen verdraaide verslagen opstellen. Dat kunnen de medewerkers van de Bijstandsbond bevestigen, want het gebeurt in Amsterdam ook. Men verdraait de feiten op grote schaal om de zogenaamde fraude te kunnen bewijzen. Een uitspraak in de verhoorprotocollen: “Ik eet iedere dinsdag bij mijn vriendin” wordt dan in het verslag: “Ik eet regelmatig bij mijn vriendin”. De verslagen worden bovendien soms opgesteld door opsporingsambtenaren die het Nederlands qua lezen en schrijven slecht beheersen.

Hopelijk zal de reportage over de misstanden bij de opsporing van fraude van bijstandsgerechtigden ertoe leiden dat ook wat dit betreft maatregelen worden genomen en dat een discussie op gang komt over de onuitvoerbare Participatiewet. Maar dan moet het kwartje wel vallen dat de ingewikkelde principes van de Participatiewet onvermijdelijk tot dit soort praktijken leiden. Denk daarbij aan de verplichting voor bijstandsgerechtigden om inkomen uit bijstand in te leveren als ze kosten besparen of extra inkomsten hebben, en aan de partnertoets. Ook na diep graven door de rechercheurs valt de fraude vaak nauwelijks te bewijzen. Daardoor proberen ze vaak om het moeilijke bewijs op subjectieve en manipulatieve wijze rond te krijgen. Bijstandsgerechtigden met een positie die rechtelozer is dan die van verdachten van een strafbaar feit, decennialange misstanden in de reïntegratie-industrie, voortdurende hetzes tegen baanlozen, waarbij VVD-fractievoorzitter Klaas Dijkhoff de laatste tijd voorop loopt, wanneer gaat de beerput vol onrecht nu eens volledig open? De malversaties in de reïntegratie-industrie zijn begonnen met de Europees Sociaal Fonds-fraude in de jaren negentig. Daarna volgde fraude in de particuliere reïntegratie-industrie. Daarna kwamen de misstanden van het werken met behoud van uitkering, onder meer in Amsterdam met stichting Herstelling. Een gigantische beerput van fraude, misleiding en gesjoemel in veel gemeenten. Niet door mensen in de bijstand, maar door ambtenaren en anderen die werk en winst maken met het disciplineren en repressief bejegenen van baanlozen.

Het zou mooi zijn als het recente artikel van Witteman leidt tot veel ophef in de kringen van organisaties die met bijstandsgerechtigden krijgen te maken. Maar ik denk dat het maatschappelijke middenveld van gesubsidieerde welzijnsorganisaties en het inspraakcircus teveel genuanceerde meewerk-boter op het hoofd heeft om op de herontdekking van de armoede door de massamedia in te spelen.

Piet van der Lende

De ambitieuze doelstellingen van ‘knetter links’

In dit stukje wordt aandacht besteed aan de punten uit het coalitieakkoord over werk en inkomen dat de onderhandelaars van Groen Links, D66, SP en Partij van de Arbeid in Amsterdam hebben afgesloten na de gemeenteraadsverkiezingen.

In de inleiding over de ‘visie’ op werk en inkomen blijkt weinig wat afwijkt van de uitzichtloze mantra’s die wel vaker in dit soort coalitieakkoorden worden geformuleerd. Iedereen moet mee kunnen doen, werk is belangrijk. Daar heb je het weer: wat is werk? Wordt betaalde arbeid bedoeld? En de onbetaalde arbeid dan, bijvoorbeeld van mantelzorgers, die van alle kanten worden ‘gestraft’ voor hun onbetaalde arbeid? Werk -betaald werk dus- is belangrijk omdat het zin geeft en omdat het de beste manier is om armoede te voorkomen staat in het akkoord. Alle argumenten dat dit in veel gevallen niet zo is, blijven buiten beschouwing.

De realiteit is, dat misschien wel driekwart van de bijstandsgerechtigden in de hoofdstad nooit meer betaalde arbeid zal verrichten, omdat ze te lang uit het betaalde werk circuit zijn, de leeftijd van pensioengerechitgde naderen of arbeidsongeschikt zijn. In die zin komt de denkfout bij de benadering van de grote groep weer aan de orde: veel wordt ingezet middels voornemens op het gebied van nieuwe banenplannen, om de mensen weer perspectief te bieden, maar voor een heel grote groep zal dit geen soulaas bieden.

Zijn er niet vele manieren om ‘mee te doen met de stad’ en wat is de visie daarop? Wel wordt de toetsing van de maatregelen aan een ‘breed welvaartsbegrip’ geïntroduceerd. Een goed punt is dat weer meer ingezet wordt op gesubsidieerd werk waarbij hopelijk weer een versterking kan komen van het maatschappelijk middenveld met haar vele organisaties. Verder wordt genoemd dat verdringing van reguliere arbeid moet worden voorkomen, maar verder geen woord over het werken met behoud van uitkering en de leer werk stages.

Hoewel op de schuldhulpverlening wat uitgebreider wordt ingegaan, worden weinig concrete inkomensmaatregelen op het gebied van het minimabeleid genoemd. Het belangrijkste is de verhoging van het inkomen om voor de minimaregelingen in aanmerking te komen tot 130% van het sociale minimum. Wat dit betreft is er ook nog dat de rente die je moet betalen van de Kredietbank wordt verlaagd. Maar ook dit is ingepakt in een vage formulering. Een verhoging van de Individuele Inkomenstoeslag die wij verwacht hadden, wordt niet genoemd. Verder is het een voortzetting van het beleid van Vliegenthart.

Zijn dit nu de ambitieuze doelstellingen van ‘knetter links?” Misschien is dit ook wel een gemakkelijk verwijt: het instrumentarium van de gemeente om de groeiende kloof tussen arm en rijk minstens een halt toe te roepen, een kloof waarover Groot Wassink zich vele malen in de publiciteit zorgen maakt, is beperkt. In zijn nieuwjaarstoespraak voor Groen Links in januari bij de aftrap van de campagne voor de gemeenteraadsverkiezingen gaf Rutger Groot Wassink er blijk van, zich zeer goed bewust te zijn van de relatie tussen te sterke marktwerking met haar recht van de sterkste en de afbraak van solidariteit en gemeenschap, en de kloof tussen arm en rijk.

Citaat uit de toespraak: ‘ In zekere zin liggen wij in de frontlinie van het neoliberalisme. In de mondiale matpartij tussen markt en kapitaal versus mens en overheid. En duidelijker dan elders is hier zichtbaar wat dat betekent voor een samenleving’. Wij zullen hem misschien wel vaker aan deze nieuwjaarstoespraak herinneren. Ik hoop dat we de komende vier jaar met Groot Wassink en zijn coalitiegenoten een positieve, rationele en objectieve beleidsdiscussie kunnen voeren over de beperkingen van de marktwerking, de noodzaak in te grijpen in de markt en de dilemma’s die het beperkte instrumentarium van de gemeente daarbij oproept.
Voorbij de inhoudsloze mantra’s en frames over een extreem links stadsbestuur van de rechtse bagger,, zoals van Forum voor Democratie, of van de VVD die de bijstandsgerechtigden in armoede wil storten bij monde van o.a. Dijkhoff, fractievoorzitter van de VVD in de Tweede Kamer, maar ook voorbij de ongetwijfeld komende propagnada vcan de coalitiepartijen die ter verdediging eenzijdig de positieve kanten van het coalitie akkoord zullen benadrukken, waarvan er overigens vele zijn.

Een geredigeerde en enigszins gewijzigde versie van dit artikel is verschenen in het juni nummer van het maandblad MUG.

Piet van der Lende