Daklozen in Amsterdam worden vaak niet geholpen

Artikel in Trouw van vandaag. Namens de Bijstandsbond kan ik de conclusies van de Rekenkamer alleen maar bevestigen.

https://www.trouw.nl/samenleving/rapport-amsterdamse-daklozen-krijgen-te-weinig-hulp~add33113/

Het rapport van de Rekenkamer kunt u hier vinden

https://publicaties.rma.colophon.cc/wachten-op-opvang/

Er zijn steeds moeilijkheden met de registratie van en de uitkeringsverstrekking aan dak en thuislozen. Mensen die in feite dakloos zijn moeten naar het loket bijzondere doelgroepen maar worden weer wegestuurd omdat ze niet dakloos zouden zijn omdat ze bv tijdelijk (een maand of twee maanden) ergens permanent kunnen wonen. Ze moeten dan naar het reguliere loket en worden daar ook weer weggestuurd onder het motto: je bent dakloos. Kastje naar de muur verhaal. Soms vind er een onderzoek plaats waarbij in het park wordt gekeken of de dakloze op de aangegeven plaats wordt aangetroffen. Hier zijn veel misverstanden over. Voortdurend gaat handhaving op pad om daklozen op te zoeken, op hun verblijfadres of in het park. Van te voren wordt aan hen gevraagd wanneer ze daar aanwezig zijn, op welke tijden, waarna vaak een bezoek buiten deze tijden plaatsvindt, buiten de afspraken, de dakloze niet wordt gevonden en de uitkering niet wordt toegekend of voor de zoveelste maal wordt stopgezet. Hetzelfde gebeurt op adressen waar de dakloze een paar machten mag slapen.

Ook zijn er dus misverstanden over iemands status, of hij/zij wel dakloos is. Wanneer iemand zich meldt bij het loket bijzondere doelgroepen als dakloze moet ervan worden uitgegaan dat dit ook zo is. Een recente maatregel is, dat daklozen een sms moeten sturen naar handhaving ‘s avonds waar ze die nacht verblijven. Er was eerst al een 7 dagen formulier, waarop de dakloze moest invullen waar hij de komende tijd ’s nachts verbleef. hoewel wordt gezegd dat dit is afgeschaft, schijnt het nog steeds te worden gebruikt. Nu dus de sms methode. We kregen prompt een dakloze op het spreekuur die slecht kan lezen en schrijven en die op zijn mobiele telefoon een sms kreeg met een uitgebreide uitleg in ingewikkeld nederlands over zijn plicht iedere avond een sms te sturen naar de handhaver. Hij kon het niet lezen. Bovendien heeft hij nu geen telefoon meer, want hij heeft zijn telefoon verkocht om te kunnen eten, die dag. Hoe nu?

Alles wordt zeer bureaucratisch afgehandeld. De ambtenaar kijkt soms niet naar de mens tegenover hem of haar maar vult bijvoorbeeld bij de intake een formuliertje in. De beroemde ZRM Matrix. De Zelf Redzaamheids Matrix. De ZRM wordt gepromoot door Movisie, het landelijk kennisinstituut en adviesbureau voor het sociaal domein. ‘Wij werken aan een samenleving met veerkracht waarin burgers zoveel mogelijk zelfredzaam zijn. Onze 150 experts ontwikkelen, verzamelen en verspreiden toepasbare kennis en oplossingen voor sociale vraagstukken’. Nou, over de ‘toepasbare kennis en oplossingen voor sociale vraagstukken’ van de 150 experts heb ik zo mijn twijfels. Niet zoeken naar de oorzaken in de neoliberale vechtmaatschappij, maar mensen een beetje opkalefateren om mee te kunnen in de ratrace. En bij wie dat niet lukt? Tsja. Die zoekt het maar uit. Om ideologisch te rechtvaardigen dat je veel mensen niet helpt die in de neoliberale vechtmaatschappij ten onder gaan, zonder de structurele maatschappelijke oorzaken in de neoliberale kapitalistische maatschappij aan de orde te stellen en om tegelijkertijd een ideologische mist te ontwikkelen die het zicht op je keiharde beleid ontneemt door te suggereren dat je vele  ‘arme psychiatrische patienten die er niets aan kunnen doen’ wel helpt vanuit o zo humane motieven is er de ZRM methode. De ZRM is in mijn ogen een tamelijk oppervlakkige aanvechtbare meet methode. Wat meet je nou eigenlijk? Iemand die hoog  scoort op de Matrix, dus volgens het eenvoudige formuliertje als ‘zelfredzaam’ wordt  aangemerkt,  heeft pech gehad, je wordt nauwelijks of niet geholpen. Je mag blij zijn dat je soms een uitkering krijgt en verder zoek je het maar uit. Dit is met de meerderheid van de naar schatting 5000 daklozen in Amsterdam het geval. Het onderzoek van de Rekenkamer bevestigt dit. Lees meer over deze matrix in Amsterdam op http://www.ggd.amsterdam.nl/beleid-onderzoek/psychosociale/zelfredzaamheid/

Het is een gotspe dat VVD wethouder vd Burg reageert met: “We moeten streng zijn”, zegt hij. “Mensen die niet toegelaten worden tot de maatschappelijke opvang weten zich uiteindelijk vaak te redden, en dat is precies de bedoeling.” Met andere woorden: we gooien de deur gedeeltelijk op slot, en dan zijn er mensen die toch overleven. Dat is onze bedoeling. Hoe ze moeten lijden en overleven, dat doet er niet toe. En zijn er ook mensen die niet overleven? Of er dreigt dat ze het niet redden? Dan hebben we een (zeer dure) crisisopvang die misschien wel meer kost dan meer mensen echt helpen en ja, dat heb je natuurlijk altijd bij zo’n beleid ‘wat precies de bedoeling is’ er verdwijnen mensen in het niets.

Piet van der Lende

Mantelzorgers in de knel

Mantelzorgers krijgen een steeds grotere rol in de zorg in Nederland. Driekwart van de zorg in Nederland wordt verleend door informele zorgverleners. Je zou verwachten dat de overheid en allerlei instanties het mantelzorgers dan ook mogelijk maken om voor een ander te zorgen. In plaats daarvan ondervinden veel mantelzorgers wantrouwen en tegenwerking die hun taak extra zwaar maakt.

Beleidsmakers van de overheid hebben hun mond vol over de ‘participatiemaatschappij’, burgerschap, je eigen verantwoordelijkheid nemen en iets terug doen voor de samenleving. Mantelzorgers die dat allemaal doen worden geconfronteerd met een bureaucratie die belachelijke eisen stelt op het gebied van bewijsstukken en regels die contraproductief werken of tegenstrijdig zijn. Er is daarbij sprake is van weinig of geen inlevingsvermogen voor de mantelzorger die het zwaar heeft door strikt formeel te reageren en mensen daarbij impliciet te beledigen vanuit een chronisch wantrouwen over de motieven van de mantelzorger. Dit komt niet alleen voor bij de overheid, maar ook bij woningbouwcorporaties, zorginstellingen en ziektekostenverzekeraars. Mantelzorgers worden verder geconfronteerd met falende en/of machteloze hulpverleningsinstellingen die zeggen niets aan de problemen te kunnen doen. Een voorbeeld uit de praktijk.

De moeder van René werd oud en krakkemikkig. Haar dochter regelde zaken voor haar, ze ging vaak vanuit Wijk bij Duurstede bij haar moeder langs. De moeder ging verder naar de dagopvang en had huishoudelijke hulp. René woonde in China waar hij ZZP-er was als docent Engels en in de muziek, als uitvoerend musicus. In het laatste jaar van zijn verblijf was hij bezig een praktijk op te bouwen als ‘wellness coach’, mensen coachen bij hun privé problemen. Hij kwam ieder jaar naar Nederland om te kijken hoe het met zijn moeder was. Tijdens zijn bezoeken werd het René duidelijk, dat het steeds slechter met haar ging. In 2013 werd duidelijk, dat ze niet meer alleen kon wonen. Ze had een TIA gehad en werd dement. Maar ze had een sterke wil, en zei dat ze per sé in haar huis wilde blijven wonen. Dit werd een onmogelijke situatie voor de zuster en zwager van René, zij moesten vanuit Wijk bij Duurstede alles regelen en hadden ondertussen hun eigen leven. Er werd gedacht over een gedwongen opname. René was op de hoogte van de situatie. Op het moment dat het zeer urgent werd en er op korte termijn iets moest gebeuren, was René net bezig een verlengd verblijf in China te regelen. Hij wilde daar graag blijven, want hij had het daar erg naar zijn zin. Het zag er echter naar uit, dat zijn verblijf in China na zijn zestigste niet kon worden verlengd, vanwege problemen met de verblijfs- en werkvergunning. Dit werd duidelijk op het moment dat de situatie met zijn moeder zeer urgent was. Toen het tegelijkertijd duidelijk werd, dat René weg moest uit China besloot hij naar Nederland te komen om voor zijn moeder te zorgen.

Op 3 februari 2014 kwam hij naar Nederland, op zijn moeder’s verjaardag. Toen hij weer naar Nederland kwam had hij negen9 jaar in China gewoond. René vond het een win-win situatie. Hij had een verblijfadres in Nederland en zijn moeder hoefde niet gedwongen te worden opgenomen. René ging bij zijn moeder wonen om voor haar te zorgen. Op het moment dat deze besluiten vielen was het duidelijk, dat het een fulltime job zou zijn waarvan niet duidelijk was, hoe lang het zou gaan duren. De huisarts verklaarde later dat op het moment dat René bij zijn moeder ging wonen het onzeker was hoelang ze nog zou leven. Al met al betekende dit wel, dat René in Nederland geen inkomsten had en ook niet meer in de gelegenheid zou zijn met betaald werk geld te verdienen. Hij had bovendien enkele lichamelijke beperkingen en dat betekende, dat niet iedere baan geschikt was. René vroeg daarop een bijstandsuitkering aan die werd toegekend. Hij kreeg bij de toekenning van de bijstandsuitkering bovendien ontheffing van de sollicitatieplicht voor de zeer zware mantelzorg die hij voor zijn moeder moest verrichten. Hij was inmiddels 61 jaar.

Per 1 januari 2015 werd de Participatiewet ingevoerd, en daarmee ook de zogenaamde kostendelersnorm. Als je kosten met anderen in het huishouden kunt delen, word je op je bijstandsuitkering gekort. René woonde bij zijn moeder en ook hij kreeg te maken met de kostendelersnorm waarbij hij op zijn uitkering werd gekort.

Nadat hij twee jaar voor zijn moeder had gezorgd kwam René in contact met een hulpverlener, die hem adviseerde de medehuur (formeel) te regelen. Het huurhuis stond op naam van zijn moeder, en als die op termijn zou komen te overlijden, zou René het huis moeten verlaten omdat het huurcontract dan niet op zijn naam stond. Hij zou dan dakloos kunnen worden, omdat hij de woning op korte termijn zou moeten verlaten. Voor het regelen van deze zaak zou hij een verzoek moeten indienen bij woningbouw corporatie Ymere, die eigenaar is van de huurwoning. René diende een verzoek in bij Ymere om medehuurder te worden. Ymere deed in het begin voorkomen dat als hij kon aantonen, via ‘een mantelzorgovereenkomst’ dat hij officieel mantelzorger was, het akkoordOKÉ was. Maar een officiële ‘mantelzorgovereenkomst’ – van wie dan ook – bestaat helemaal niet. Er werd duidelijk, dat woningbouwcorporaties zouden hebben afgesproken dat om zo’n verklaring moest worden gevraagd. Dat doen ze voortdurend. Het is een veel voorkomend probleem waar mantelzorgers tegenaan lopen. Gerdien Buesink, jurist bij Mezzo, de vereniging voor mantelzorgers geeft in een interview met het blad Plus voor senioren van november 2017 ook aan, dat zo’n mantelzorgovereenkomst helemaal niet bestaat en dat woningbouwcorporaties daar soms om vragen, hoewel het niet altijd gebeurt

Woningbouwcorporatie Ymere kon niet aan René duidelijk maken, hoe dat dan zou moeten. Ymere wees het verzoek tot medehuur af. De reden was eerst dat er niet was aangetoond dat René mantelzorger was en dat kinderen die niet onafgebroken bij hun ouders hebben gewoond door Ymere nooit als medehuurder worden erkend. (Andere verhuurders doen dat soms wel)

Daarop heeft René een advocaat in de arm genomen die een procedure voor de rechter zou moeten starten. Tegelijkertijd begon een wanhopige rondgang langs hulpverleningsinstellingen. Er werd contact gezocht met het sociaal loket in Amsterdam, maar daar zeiden ze waarschijnlijk niets voor hem te kunnen doen. Ze zouden het uitzoeken maar hebben uiteindelijk niets meer van zich laten horen. Verschillende hulpverleners gaven aan, het probleem te kennen, ook belangenorganisaties. Maar ook zij konden René niet verder helpen. Mee/Amstel Zaan gaf aan, het probleem te kennen, maar niet aan belangenbehartiging te mogen doen op dit gebied, ze deden alleen aan belangenbehartiging voor mantelzorgers met een Persoons Gebonden Budget, (PGB) omdat volgens de subsidievoorwaarden van de overheid waarvan Mee subsidie krijgt belangenbehartiging voor de groep mantelzorgers die geen PGB hebben niet is toegestaan. Ze konden er niets aan doen.

De advocaat maakte een procedure aanhangig en stuurde een pleidooi naar de rechter. Bij de rechtszitting waren alle betrokkenen aanwezig, te weten René en zijn moeder, de advocaat van René en de advocaat van Ymere. Er vond toen een interactie plaats waarbij de verschillende partijen hun standpunt naar voren brachten. Na de rechtszitting konden de beide advocaten nog een keer reageren. De advocaat van Ymere stuurde ondanks de interactie op de rechtszitting een bladzijdenlang tegen-pleidooi, vol insinuaties over de motieven en bedoelingen van René. Ymere insinueerde, dat hij met voorbedachte rade uit China was gekomen om de woning over te nemen en helemaal niet om voor zijn moeder te zorgen. René voelde zich zwaar beledigd. Het bleek, dat deze insinuaties niet meer konden worden weerlegd met weer een tegenpleidooi. Daarvoor moet je na uitspraak van de rechter hoger beroep instellen. De rechter besliste na de rechtszitting dat de vordering van René om een huurcontract te krijgen niet moest worden toegewezen, waarbij de rechter verschillende onbewezen insinuaties uit het pleidooi van de advocaat van Ymere overnam. René voelde zich zwaar teleurgesteld en miskend. Hij offerde zich op voor zijn moeder, wat heel lang kon gaan duren, en hij werd neergezet als een profiteur die uit was op zijn eigen belangen. Hij voelde zich ook geschoffeerd omdat hij steeds de insinuaties moest weerleggen met verklaringen van zijn zuster, artsen en verpleging waaruit het tegendeel bleek. Er was een soort omgekeerde bewijslast waarbij hij moest bewijzen dat de insinuaties van de advocaat van Ymere niet juist waren, terwijl die hun onterechte beschuldigingen niet hoefden te bewijzen.

Een CIZ- indicatie 4 (zeer zware indicatie) is een aanwijzing dat iemand zeer hulpbehoevend is. De moeder van René had die indicatie, en dat was een aanwijzing dat het zeer noodzakelijk was dat René bij zijn moeder ging wonen om voor haar te zorgen . Een van de leugens van Ymere was, dat er pas in 2014, enige tijd nadat René bij zijn moeder ging wonen, er een CIZ-4-indicatie was voor zijn moeder waarbij de advocaat aannam dat dit dus de eerste keer was dat de moeder van René deze indicatie kreeg. Dus volgens Ymere t werd pas duidelijk dat er een ernstige noodsituatie bestond in het jaar dat René al bij zijn moeder woonde. Volgens Ymer was die noodsituatie er nog niet toen René bij zijn moeder ging wonen.Op het moment dat hij bij zijn moeder ging wonen zou hij volgens Ymere alleen voor zijn eigen belang kiezen. René moest toen met eerdere, andere brieven met de vaststelling van indicatie 4 aantonen dat de veronderstelling van de advocaat van Ymere niet klopte.

René besloot, in overleg met zijn advocaat, met een andere advocaat in hoger beroep te gaan. Daarop heeft de advocaat van Ymere naar aanleiding van de reacties op de insinuaties die weerlegd werden het verhaal bijgesteld, nog steeds met het uitgangspunt, dat René geen huurcontract zou krijgen. Men stelde zich eerder al op het standpunt, dat er bij inwonende kinderen geen sprake is van een duurzame gemeenschappelijke huishouding, dat een mantelzorg- inwoning altijd van tijdelijke aard is en dat het doel van de inwoning niet het verkrijgen van de woning mag zijn. De advocaat van Ymere bracht verder naar voren, dat het een sociale huurwoning betreft, en dat die moet worden toegewezen aan iemand die daar recht op heeft. René begon te vermoeden, dat Ymere hele andere motieven had. Veel van de woningen in het complex waar hij woont zijn verkocht, en met de woning waar hij woonde zou men wel eens dezelfde plannen kunnen hebben. In de eerste rechterlijke uitspraak constateerde de rechter wel, dat er sprake was van een gemeenschappelijke huishouding van René en zijn moeder, een argument voor de maatregel om hem een huurcontract toe te kennen. Maar de rechter deed geen uitspraak over de duurzaamheid ervan. Niet alleen René ging dus in hoger beroep maar ook Ymere. Daarbij vechten zij de uitspraak van de rechter aan dat er sprake is van een gemeenschappelijke huishouding.

De rechtsprocedures die al enige tijd duren, werden extra gecompliceerd, omdat tijdens deze procedures van hoger beroep de moeder van René begin augustus 2017 overleed. Toen kon er geen eis meer zijn van medehuurder worden, omdat er geen hoofdbewoner meer was. Ymere reageerde op het overlijden van de moeder zeer snel met een email en een aangetekende brief van 8 september dat René de woning per 31 oktober 2017 moest verlaten. Tot die datum zou hij de tijd hebben de woning te ontruimen. In de brief stond dat er iemand zou komen om het te bespreken. De datum waarop die persoon langs zou komen was op dezelfde dag waarop de aangetekende brief door René werd ontvangen. Toen dit gebeurde was de nieuwe advocaat van hem toevallig op vakantie. René slaagde er toch in hem te bereiken en kreeg het advies, niemand binnen te laten. Dit heeft hij laten weten aan Ymere. René en zijn advocaat waren het erover eens, dat het zeer onbehoorlijk was van Ymere om zo op te treden terwijl het hoger beroep nog liep. Ondertussen is de advocaat een nieuwe procedure ‘voortzetting huur na overlijden’ begonnen. Dit moet nog voor de rechter komen. Ymere heeft geen pogingen meer gedaan René hangende de procedure uit de woning te krijgen met intimiderende brieven en e mails.

Conclusie

Er moet een einde komen aan het ontmoedigen van zorgen voor een ander. Door de huidige wet- en regelgeving ondervinden mantelzorgers te veel tegenwerking. Mezzo, de belangenvereniging van mantelzorgers, krijgt hierover steeds meer meldingen binnen. Ook in de media verschijnen hierover verhalen. Het AVRO/TROS consumentenprogramma Radar besteedde onlangs aandacht aan de problematiek van de mantelzorgers. Hun problemen zijn inmiddels wijd en zijd bekend, maar er gebeurt weinig op het gebied van maatregelen.

Hoe worden mantelzorgers tegengewerkt?

  • Kostendelersnorm: wanneer je bijvoorbeeld een bijstandsuitkering hebt en gaat samenwonen met een hulpbehoevende naaste word je op je uitkering gekort.

  • Medehuurderschap: trek je bij iemand in om te gaan zorgen, dan loop je na het overlijden van degene de kans op straat te komen staan. Je kunt medehuurderschap altijd aanvragen, maar pas na twee jaar is het via de rechter afdwingbaar eEn de woningbouwcorporaties moeilijk doen over het en verlenen van medehuurderschap waarbij ze vragen om een mantelzorgverklaring als bewijs. Probleem is vooral ook bij inwonende ouder en kind, omdat dan vaak geen duurzaam, gemeenschappelijk huishouden wordt aangenomen

  • Mantelzorgverklaring: Niet alleen corporaties, ook de gemeente kan vragen om zo’n verklaring. Bijvoorbeeld bij een vergunning voor het plaatsen van een mantelzorgwoning in de tuin. Formeel bestaat een verklaring echter niet waardoor de mantelzorger van het kastje naar de muur wordt gestuurd. Gevolg: vertraging bij het plaatsen van een mantelzorgwoning of geen huurcontract.

  • Bijstandsuitkering en samenwonen: wanneer een mantelzorger met een bijstandsuitkering meer dan drie nachten per week doorbrengt bij zijn zorgvrager om hem te verzorgen bestaat er een kans dat er op de bijstandsuitkering wordt gekort.

  • Ontmoediging pgb voor mantelzorgers: Er zijn gemeenten die niet willen dat een zorgvrager een mantelzorger betaald vanuit een pgb. Dit uit angst dat meer mantelzorgers betaald willen worden voor hun zorgtaken.

  • Sollicitatieplicht: Voor mantelzorgers met een WW-uitkering is het bij intensieve mantelzorg mogelijk maximaal 6 maanden ontheffing te krijgen van de sollicitatieplicht bij het UWV. Voor mantelzorgers met een bijstandsuitkering gelden geen algemene regels en bepaalt de gemeente of er ontheffing sollicitatieplicht wordt gegeven. Er ontstaat hierdoor veel willekeur en de beslissing of je wel of geen ontheffing krijgt is afhankelijk van welke ambtenaar je tegenover je hebt.

  • Falende hulpverleningsinstellingen. Uit het voorgaande blijkt, dat veel hulpverleningsinstellingen op de hoogte zijn van de vele knelpunten, maar er machteloos tegenover staan. Ze kunnen vaak niets voor de mantelzorger doen en de signaleringen dat de mantelzorger onder te zware druk staat, die vaak al lang vanuit verschillende hoeken plaatsvinden leiden vaak niet tot structurele oplossingen. Signalen vanuit de naaste familie of vrienden wordt soms genegeerd of men wordt met een kluitje in het riet gestuurd. Vaak worden geen begeleidende gesprekken met de mantelzorger gevoerd. Ditt kan ook een kwestie zijn van financiering. Hulpverleners krijgen voor de begeleiding van mantelzorgers geen vergoeding. Met alle gevolgen vandien, bijvoorbeeld dat de juiste diagnose van degene die verzorgd wordt niet wordt gecommuniceerd naar de mantelzorger en/of naaste familie. Gelukkig bestaan er mantelzorgmakelaars, die vooraf advies en hulp geven bij bijvoorbeeld een WMO aanvraag. Ook heeft men vanuit de Wmo recht op gratis cliëntondersteuning. Mantelzorgmakelaars worden soms vergoed door de aanvullende zorgverzekering. Maar zolang de betrekkelijke rechteloosheid van de mantelzorgers voortduurt kunnen die ook niet altijd wat doen.

  • Gevoelloze benadering met ingewikkelde juridische procedures om je recht te halen. Er bestaat bij instanties vaak een te groot wantrouwen richting goed bedoelende mantelzorgers die dan met bewijzen moeten komen dat ze goede bedoelingen hebben, terwijl het wantrouwen van de verhuurder niet wordt gestaafd met bewijzen, zodat via een soort omgekeerde bewijslast mantelzorgers moeten aantonen, dat het vaak ongefundeerde wantrouwen onterecht is. Daarbij kan de mantelzorger verzeild raken in eindeloze ingewikkelde juridische en administratieve procedures, die de taak van mantelzorger extra verzwaren.

  • Onder druk zetten van potentiële mantelzorgers vanwege bezuinigingen. Bij Mezzo komen signalen binnen, dat gemeenten mantelzorg wel eens proberen af te dwingen, om geen indicatie te hoeven geven voor zorg via de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO). Dan kost het ze geen geld. Mezzo maakt zich hier boos over, omdat mantelzorgers vaak zo overbelast zijn dat ze het er maar bij laten zitten.

Met Mezzo vinden wij dat mantelzorgers juist meer erkenning moeten krijgen in plaats van dat ze vanuit wantrouwen worden benaderd. Mezzo is momenteel in gesprek met het ministerie van VWS over de regels die mantelzorgers ontmoedigen in de zorg voor een ander.

Piet van der Lende
Bijstandsbond

Ivens kan het dak op

Update. Onderstaand stukje is 17-10 ’s avonds geschreven.
Via via kregen wij een reactie door van Daniël Peters, fractievoorzitter van de SP in Amsterdam op het bericht dat de SP werklozen zonnepanelen wil laten aanleggen op daken. We opperen in het stukje de veronderstelling, dat misschien werklozen dit moeten gaan doen zonder er loon voor te krijgen. Maar, zegt Peters, dat staat nergens en is ook niet waar. Wij willen mensen in de stad altijd fatsoenlijk loon bieden en dus voor salaris laten werken, bijvoorbeeld door zonnepanelen aan te leggen. Uiteraard gaat het daarbij om mensen die daartoe in staat zijn. Het is een duurzaam plan dat bovendien werklozen aan werk kan helpen. Best een mooi plan, al zeg ik het zelf. Aldus Daniël Peters.


Twee dagen geleden verscheen een opmerkelijk bericht in de Telegraaf, dat gretig door andere media werd overgenomen. Maar nog niet erg veel reacties heeft opgeroepen. Morgen wordt het verkiezingsprogramma van de SP Amsterdam gepresenteerd, en lijsttrekker Laurens Ivens vertelde er alvast wat over. Hij wil huiseigenaren verplichten zonnepanalen op hun dak aan te leggen. Wie niet meewerkt, krijgt een boete. Zo wil hij rigoreus een energietransitie bewerkstelligen. Een mooi voorstel, waar natuurlijk niets van terecht komt. Bezit is heilig in het kapitalisme, zeker met deze nieuwe regering en zoiets kun je niet gemeentelijk regelen. Maar ja, het zijn verkiezingen he. Nu wil Ivens die panelen door werklozen laten aanleggen. Het wordt uit de berichtgeving niet duidelijk, of ze dat met behoud van uitkering moeten doen, dus als dwangarbeider zeg maar, of dat ze ervoor betaald worden. En zo ja, hoeveel. Minimumloon buiten de CAO misschien? Het is even afwachten wat erover in het verkiezingsprogramma staat. De investeringen moeten ook weer niet teveel kosten, want de regeling is, dat de gemeente eerst de winst van de panelen opstrijkt om de investeringen terug te verdienen, en dan na 10 jaar of zo wordt de huiseigenaar eigenaar van de panelen. Dus dan heb je goedkope arbeidskrachten nodig.

Nu lopen er onder de werklozen heel wat deskundigen op allerlei gebieden rond, maar zonnepanelen met alle electra en dingen eromheen aanleggen op daken dat lijkt me toch een VAK. Werklozen die van niks weten omdat ze andere kennis en vaardigheden hebben kun je niet inzetten, dus dat wordt niks.

Het verhaal met de demagogische uitspraak ‘laat de werklozen het maar doen’ doet een beetje denken aan projecten in een wat verder verleden. In de tijd dat de gemeente nog in zee ging met particuliere reïntegratiebedrijven hadden ze een contract met het bedrijf Fourstar/Workstar van Bob Bergkamp. Bob streefde ook naar zulke ‘win-win’ situaties. Hij kocht een totaal gestripte lege loods in het Westelijk havengebied, om deze loods vervolgens door werklozen geheel te laten verbouwen tot onderwijsinstelling voor de omscholing van werklozen. De verbouwing moest als het ware het eerste ‘traject’ zijn voor de werklozen, die zo hun eigen faciliteit bouwden waarna ze konden worden omgeschoold. Dat was althans de bedoeling. Geheel onervaren werklozen, die nooit in de bouw hadden gewerkt werden de hal ingestuurd om die te gaan verbouwen. Met alle ongelukken van dien. Een werkloze zaagde zijn duim af met een zaagmachine en er gingen meer dingen mis. O.a. door persberichten van de Bijstandsbond kwam er een inval van de gemeentelijke bouw en woning toezicht, die ter plaatse werklozen aantroffen die net bezig waren een zeer belangrijke draagmuur in de hal af te breken. Bouw en woningtoezicht sloot daarop de hal en het project. Ze schijnen later nog wel kort open te zijn gegaan, maar van het project met win -win werd na enige tijd niets meer gehoord.

Piet van der Lende

Regeerakkoord? Ik geloof er geen barst van

Uit de reguliere media kon je in eerste instantie geen beoordeling destilleren van wat het regeerakkoord nou eigenlijk is. Er lekte voor publicatie van het akkoord van alles uit, maar een duidelijk beeld was er niet. Een soort geruis via de televisie en in de kranten, waarbij enkele puntjes er tamelijk willekeurig uitgepikt werden. Veel dingen eromheen werden verteld die niet belangrijk zijn. En er kwam geen echte mening naar voren over de achterliggende filosofie van het kabinet.

Of je nu de Volkskrant las of Dominique van der Heiden hoorde leuteren op de televisie, je wist nog steeds niks. En vooral rechtse politici en andere neoliberalen kwamen  aan het woord, zoals in De Wereld Draait Door.de vreselijke Barbara Baarsma, die nog meer richting het ongebreidelde kapitalisme wil. Het standpunt van de FNV – een scherpe veroordeling van het akkoord – moest ik vernemen via een email van de FNV zelf.

Frits Wester kwam in een avondvullend programma op RTL4 niet verder dan: ‘de mensen hebben iets van: eerst zien dan geloven, ze weten het niet’. Hij zegt verpleegkundigen, politieagenten en zo te hebben gesproken en ook hun organisaties (?). ‘Ach ja’, zegt hij, ‘er zijn altijd mensen die het niet genoeg vinden, de een zegt dit en de ander dat’.

Pas enige dagen na publicatie van het akkoord werd duidelijk, dat het een akkoord is dat desastreuze gevolgen zal hebben voor veel mensen in hun dagelijks leven. Geschrokken reacties van de FNV en van linkse politieke partijen maar ook van vele uitvoerende instanties en het maatschappelijk middenveld, in de gezondheidszorg, op het gebied van milieu en organisaties die opkomen voor politieke vluchtelingen of de belangen behartigen van huurders.

Gebrek aan visie op de problemen in de samenleving
In de inleiding van het akkoord geen woord over de sociale problemen die in de samenleving bestaan, zoals de bij de autonome ontwikkeling van het kapitalisme groeiende kloof tussen zeer rijk en zeer arm die moet worden tegengegaan. En de grote armoede van de daklozen, flexibele arbeidskrachten, een-ouder gezinnen, migranten, etc. Geen enkel besef spreekt uit de inleiding dat het kapitalisme op zijn minst beteugeld moet worden om die sociale problemen te lijf te gaan.

Men heeft een hekel aan tegenstellingen zegt men, we moeten alles samen doen, we moeten streven naar evenwichten, bla bla. Vervolgens worden in het akkoord een reeks van maatregelen opgesomd, waarbij opvalt, dat sommige voorstellen gedetailleerd en erg technisch zijn uitgewerkt, waaruit de grote invloed blijkt van lobbyisten en van de Haagse bureaucratie van vele topambtenaren. Natuurlijk wordt bij de samenstelling van een regeerakkoord altijd advies ingewonnen bij ambtenaren en belangenbehartigers, maar tussen de regels door komt dat in dit regeerakkoord wel heel sterk naar voren in de vele technische uitwerkingen, die de onderhandelaars waarschijnlijk zelf niet zo in hun hoofd hadden zitten.

Maatregelen
Ik ga niet alle maatregelen opsommen, maar noem die in relatie tot de bijstand. Het voornemen wordt geuit dat de gezamenlijke overheden zich de komende jaren zullen blijven inspannen voor de realisatie van de integrale aanpak, ‘dichtbij de burger’ voor mensen die het zonder ondersteuning niet redden. Middels de normeringssystematiek voor het Gemeente- en Provinciefonds komt er meer geld voor gemeenten beschikbaar. Over de inzet van deze middelen in het sociale domein worden programmatische afspraken gemaakt met gemeenten.

In het regeerakkoord wordt beschreven dat een extra inspanning is vereist om mensen in een kwetsbare positie een betere toekomst te geven. Als werken in een reguliere baan niet mogelijk is, moeten gemeenten arrangementen bieden voor beschut werk. Het budget voor activering van en dienstverlening aan mensen in een kwetsbare positie wordt verhoogd, waarmee voor 20.000 extra personen de mogelijkheid voor beschut werk ontstaat.

De extra middelen om de inzet op beschut werk te verstevigen, worden opgebracht door het instrument van loonkostensubsidies in de Participatiewet te vervangen door de mogelijkheid tot loondispensatie. Werkgevers kunnen daarmee onder het wettelijk minimumloon betalen, al naar gelang de verdiencapaciteit van de persoon in kwestie. De gemeente vult afhankelijk van de gemeentelijke inkomensvoorziening waar belanghebbende gebruik van maakt, het inkomen aan met een uitkering.
De extra arbeidsplaatsen voor beschut werk komen dus niet uit de Rijksmiddelen, maar uit de winst die de gemeenten zullen gaan maken op het tewerkstellen van bijstandsgerechtigden, gratis of onder het minimumloon. Uitbreiding van de dwangarbeid dus.

Strenger beleid
Behalve het buitenwerking stellen van de Wet op het Minimumloon voor bepaalde groepen wil de nieuwe regering afspraken over een ‘geïntegreerde aanpak’. Lees: uitvoerende instanties op het gebied van inkomen, gezondheidszorg, belastingen en hulpverleningsorganisaties moeten meer gaan samenwerken om gegevens uit te wisselen en de zaken op een bepaald persoon betrekking hebbende te coördineren, zodat je als het ware van verschillende kanten ‘in de tang’ wordt genomen.

Daarnaast wil de nieuwe regering strenger toezien op de uitvoering van bepalingen in de Participatiewet, die nu nog in veel gemeenten een dode letter zijn, omdat de gemeenten de bepalingen onuitvoerbaar achten of omdat men het er in de gemeente niet mee eens is. Het kabinet is voornemens om in gesprek te gaan met gemeenten over de wijze waarop zij uitvoering geven aan de reeds in de wet opgenomen verplichte tegenprestatie. Het lijkt erop, dat het nieuwe kabinet de gemeenten onder druk wil zetten om deze verplichte tegenprestatie in te voeren als dat nog niet het geval is. Verder wil men niet-vrijblijvende bestuurlijke afspraken maken met gemeenten over het vergroten van de beheersing van de Nederlandse taal van Nederlanders met een migratieachtergrond; anders gezegd: de voorwaarde dat je Nederlands spreekt om op de langere termijn bijstand te krijgen moet strenger worden nageleefd.

Zoals we hierboven zagen, is het wisselgeld van het nieuwe kabinet om de gemeenten tot medewerking te bewegen de inzet van wat extra financiele middelen voor de gemeenten. Nieuwkomers in Nederland krijgen het zwaar. Het kabinet wil:
-integratie met burgerschapswaarden (het zingen van het Wilhelmus en zo), en een verplicht leer- en (vrijwilligers) werktraject. Dus het werken met behoud van uitkering (dwangarbeid) dat ook al voor andere groepen bestaat, gaat in het bijzonder gelden voor nieuwkomers.
-een begeleide toegang tot de verzorgingsstaat: gemeenten innen de zorgtoeslag, huurtoeslag en bijstand gedurende de eerste 2 jaar en de nieuwkomer ontvangt deze voorzieningen en begeleiding in natura met leefgeld. Na een toetsmoment kan een statushouder die zichzelf redt op de arbeidsmarkt, eventueel eerder uitstromen. Dit betekent, dat een statushouder de eerste twee jaar geen recht heeft op gewone bijstand.

Uitholling van rechten
Er wordt nog een reeks van andere maatregelen voorgesteld om de rechten van werkenden en uitkeringsgerechtigden verder uit te hollen. Het ontslagrecht wordt versoepeld, de Wajong gaat naar beneden, de keuringen voor de WIA worden nog strenger, en de koopkracht van vooral mensen met een laag inkomen wordt uitgehold door verhoging van het lage BTW-tarief. Dat wordt zogenaamd gecompenseerd met belastingverlagingen, maar vele minima profiteren hier niet van en AOW-ers bijvoorbeeld betalen geen belasting. Dus die hebben er niks aan.
Tegenover de verdergaande verarming van velen staat de verrijking van een minderheid. Belastingtarieven gaan omlaag en de bedrijven krijgen allerlei douceurtjes, zoals de afschaffing van de dividend-belasting. Gaat hert regeerakkoord worden uitgevoerd?

Gaat het regeerakkoord worden uitgevoerd?
De VVD kon 40 jaar lang bijna onafgebroken in de regering haar neoliberale beleid uitvoeren, ook al waren ze een minderheid, omdat vooral de sociaal-democratie in de vorm van de massaorganisatie bij de vakbonden en de Partij van de Arbeid in ruil voor wat concessies dat beleid als het erop aan kwam legitimeerde. Zij verkochten het beleid aan een morrende achterban middels de sleutelposities die ze in die massa-organisaties en in de lokale bestuursorganen innamen. Op die posten hielden ze al te rigoreuze acties tegen de neoliberale regering waarvoor in de morrende achterban gepleit werd, tegen. Daarbij werden figuren als Dijsselbloem als leiders naar voren geschoven, die ook neoliberaal dachten.

Met de historische nederlaag van de Partij van de Arbeid bij de verkiezingen is deze legitimatiebasis verdwenen. De schrijvers van het regeerakkoord zijn zich er zeer van bewust dat de bereidheid van een meerderheid van de bevolking in het algemeen en van het maatschappelijk middenveld en de lagere bestuursorganen in het bijzonder om de maatregelen uit te voeren, de achilleshiel is van de nieuwe coalitie, die toch al steunt op een zeer krappe meerderheid, hoewel ze waarschijnlijk als het erop aankomt wel steun van de SGP en ander rechtse splinterpartijen zullen krijgen en misschien incidentele steun van de PVV.

Op veel plaatsen in het regeerakkoord wordt gezegd dat in overleg zal worden getreden met instituties in de samenleving. Hiervoor kwam al ter sprake, dat men bestuursakkoorden wil met de gemeenten, verenigd in de VNG. En nieuwe akkoorden met de vakbonden, milieuorganisaties en die in de gezondheidszorg. Maar het scenario dat zich voltrok tijdens het kabinet Rutte I zal in mijn ogen worden herhaald.

Mislukte onderhandelingen tijdens Rutte I
Het kabinet Rutte I was een coalitie van CDA en VVD met gedoogsteun van de PVV, net als het nieuwe kabinet met een krappe meerderheid. Ook toen ontbrak de legitimatiebasis van de sociaal-democratie gedeeltelijk. Het kabinet begon onderhandelingen met lagere bestuursorganen over een bestuursakkoord op verschillende terreinen. Deze onderhandelingen verliepen zeer moeizaam. Vooral de sociaal democraten die in veel gemeenten belangrijke bestuurlijke posities hadden, lagen dwars.

Uiteindelijk ging de VNG akkoord, met uitzondering van de toenmalige nieuwe wet Werken naar Vermogen die moest dienen als vervanging van de Wet Werk en Bijstand. Ook in deze wet werd de zogenaamde loondispensatie voorgesteld, net als de nieuwe regering nu doet, dus werken voor bijstandsgerechtigden beneden het wettelijk minimumloon.

Er was tijdens de onderhandelingen grote onenigheid over de budgetten die de lagere bestuursorganen zouden krijgen voor decentralisatie en overheveling van bevoegdheden. Pas tijdens het kabinet Rutte II, toen de Partij van de Arbeid weer in de regering zat, kon de Participatiewet worden ingevoerd, die in veel opzichten lijkt op de nooit ingevoerde Wet Werken naar Vermogen, en konden ook op andere beleidsterreinen zoals de WMO en de gezondheidszorg bestuurlijke decentralisaties worden doorgevoerd. Daarnaast kon toen een sociaal akkoord worden gesloten met de vakbeweging.

Nieuwe onderhandelingen
Nu de legitimatiebasis van de sociaal-democratie weer ontbreekt, lijkt het zeer waarschijnlijk dat het scenario van 2010/2011 zich zal herhalen. Weliswaar heeft de Partij van de Arbeid een historische nederlaag geleden, maar haar kaderleden nemen nog steeds sleutelposities in bij het maatschappelijk middenveld van vakbonden, lokale bestuursorganen, ambtenarij, milieu en organisaties op het gebied van wonen, etc. Zij zullen zich nu samen met anderen met hand en tand gaan verzetten tegen de maatregelen in het regeerakkoord. Met andere woorden: de mensen in het land, het maatschappelijk middenveld en delen van de lagere bestuursorganen zullen dit akkoord gewoon niet uitvoeren.

In dit verband zijn de gemeenteraadsverkiezingen meer dan ooit belangrijk. Het lot van het nieuwe kabinet zal deels afhangen van de krachtsverhoudingen in de gemeenten en bij de VNG die wel of niet in verzet zullen komen tegen de regeringsmaatregelen. In Amsterdam hebben Groen Links, Partij van de Arbeid en SP, dus de sociaal-democratie in de hoofdstad, al een Pact van Amsterdam gesloten, gepresenteerd op een bijeenkomst in De Balie op 22 october, waarbij ze in de aanval gaan tegen de nieuwe regering en grotere autonomie voor de regio’s eisen.

Ook de FNV lijkt op oorlogspad te willen gaan. Hoewel ze die plannen in het verleden ook hadden, toen er niets van terecht kwam, kunnen dit toch de eerste voorboden zijn van massaal maatschappelijk verzet tegen de nieuwe regering. Hoewel, in het verleden heb ik dit ook wel eens voorspeld, en toen kwam er niks van terecht omdat ik mij vergiste in de toenmalige betekenis van de oorlogsrituelen vanuit de sociaal-democratie, die altijd weer naadloos overgingen in een compromispolitiek met de neoliberalen die er bij vele sociaal-democraten tot op het bot ingebakken zit.
Maar ik hoop ook dat velen ervan doordrongen zijn dat ze deze keer de oppositie op een waarachtige manier zullen moeten voeren, en niet zoals in het verleden is gebeurd op nationaal niveau compromissen gaan sluiten, waarbij eenvoudigweg het neoliberale beleid van de afgelopen decennia wordt voortgezet. Anders wordt de PVV bij de volgende verkiezingen alleen maar weer veel groter.

Piet van der Lende

Enquête bereik van media onder Amsterdammers

De Vereniging Bijstandsbond heeft het initiatief genomen om een enquête te houden onder Amsterdammers. Alle Amsterdammers kunnen de enquête invullen. De enquête is bedoeld om een indruk te krijgen van de (sociale) media en andere methoden waarmee Amsterdammers hun informatie verzamelen om zo de informatieverstrekking van de Bijstandsbond over werk, inkomen, minimaregelingen etc. te kunnen verbeteren. Wij doen dit om een idee te hebben van hoe wij u het beste informatie kunnen verstrekken om de weg te vinden in die bureaucratische doolhoven met ingewikkelde formulieren. Het zijn hopelijk heldere eenvoudige vragen, invullen kost 5 minuten.

U zou ons zeer helpen als u de enquête zou willen invullen wanneer u in Amsterdam woont op http://enquete.bijstandsbond.amsterdam

Traditionele sjablonen van lokale PvdA bestuurders

Geluisterd naar de installatierede van de nieuwe burgemeester van Zaanstad, Jan Hamming. Mijn God, ik hoop niet dat Amsterdam zo’n burgemeester krijgt. De stokoude Partij van de Arbeid sjablonen volgens de lijnen waarom ze onderuit gegaan zijn bij de verkiezingen. Hij zet de werkloosheid en de vacatures in het bedrijfsleven ongenuanceerd tegenover elkaar, zoals alle ongenuanceerde werklozen bashers doen zonder te kijken naar de achtergronden ervan, een redenering die functioneert als een urenlange ritmies getrommel volgens dezelfde sjablonen die we al decennia horen. En hij begint dan een verhaal over het benutten van talenten van werklozen en jongeren. Dus zoals tegenwoordig in de Partij van de Arbeid blijkbaar gebruikelijk is, geen enkel woord meer over het feit, dat er domweg te weinig banen zijn, dat werkgevers discrimineren, dat ze hun eisen niet aanpassen en vooral goedkope arbeidskrachten willen in flexibele constructies waarbij je geen leven meer hebt. Mooie woorden over begrip voor elkaar en mensen zien staan, maar ondertussen voor een keiharde aanpak van de mensen in de bijstand, die grotendeels arbeidsongeschikt zijn en in de bijstand zijn terechtgekomen niet omdat ze werkloos zijn, maar omdat ze bijvoorbeeld als student of ZZP-er niet verzekerd waren voor de arbeidsongeschiktheidswetten en die dus niet kunnen werken en op de bijstand zijn aangewezen. Maar Hamming wil een bijstandsvrije gemeente. Ik weet wel wat hij bedoelt. Zet ze maar onder druk die arbeidsongeschikten, Jan Hamming, schop ze de bijstand uit, want het ligt bij deze sociaal-democraat niet meer aan de structurele problemen van de tegenstelling tussen rijk en arm en de mismatch op de arbeidsmarkt waarbij werkgevers geen cent willen uitgeven aan scholing van wat moeilijker bemiddelbaren. Daarover geen woord. Het ligt allemaal aan de werklozen zelf, die werkloosheid, en hij haalt het voorbeeld aan van de hockeycoach die een speelster trainde en op haar kracht aansprak. Het traditionale gebakken lucht verhaal van de reïntegratiebedrijven en sociale dienst ambtenaren, die niets bereiken om de mensen aan het werk te helpen. En natuurlijk, Jan Hamming dreigt ook. Fraude en criminaliteit hard aanpakken zegt hij en de burgers moeten mensen verklikken en dan gaan we er samen tegenaan. Dus tussen alle fraaie bewoordingen over Zaankanters gewoon een keiharde bestuurder, gespeend van iedere vorm van creativiteit, die voortgaat op de doodlopende wegen van een sociaal-democratie die ook de laatste restjes aanhang dreigt te verliezen. En natuurlijk, zoals een traditionele PvdA burgemeester betaamt in het kielzog van vele lokale PvdA bestuurders, focussen op megalomane grootschalige toeristen en culturele projecten die bakken met geld kosten en ‘Zaanstad op de kaart moeten zetten’ Iets met een Monet jaar , naar analogie van het Jeroen Bosch jaar in Den Bosch. Ik hoop werkelijk dat we in Amsterdam -ik hoop dat van der Laan nog lang leeft- een andere burgemeester krijgen die iets creatiever aankijkt tegen de oude reflexen van traditionele PvdA bestuurders op doodlopende wegen. Dat moest er even uit.

Anonieme enquête over het gebruik van media door Amsterdammers

Anonieme enquête

De Vereniging Bijstandsbond heeft het initiatief genomen om een anonieme enquête te houden onder Amsterdammers. De enquête wordt o.a. ingevuld door spreekuurbezoekers. De enquête kan online worden ingevuld, per post opgestuurd of ingevuld worden op ons kantoor. We kunnen ook meerdere exemplaren van de vragenlijst opsturen. Het is de bedoeling dat een representatieve groep Amsterdammers de enquête invult, niet alleen mensen met een minimuminkomen. Zo kan de enquête representatief zijn voor verschillende groepen, zoals arbeidsongeschikten, WW-ers, bijstandsgerechtigden en gepensioneerden of werkenden met een laag inkomen. De enquête is bedoeld om een indruk te krijgen van de (sociale) media en andere methoden waarmee Amsterdammers in het algemeen en minima in het bijzonder hun informatie verzamelen om zo de informatieverstrekking van de Bijstandsbond over werk, inkomen, minimaregelingen etc. te kunnen verbeteren. Wij willen graag beter weten langs welke kanalen en met welke methoden wij het beste informatie kunnen verstrekken om de mensen te helpen de weg te vinden in de bureaucratische doolhoven met ingewikkelde formulieren. Het zijn hopelijk heldere eenvoudige vragen, invullen kost 5 minuten. Wij zouden het op prijs stellen, als je dit bericht verder zou willen verspreiden.

Wij hopen met dit onderzoek opzienbarende resultaten te kunnen presenteren over het niet gebruiken van moderne communicatiemiddelen door verschillende groepen, jongeren, gepensioneerden, mensen met een minimuminkomen, etc. Wij veronderstellen, dat de digitale kloof groot is. Alle instanties gaan er maar van uit dat iedereen vlot met de computer kan omgaan en alles via internet doet, maar klopt dat wel? En hoe groot is dan het probleem? Zo lijken vele werkzoekenden niet actief te zijn op LinkedIn. Velen vinden de moderne middelen te duur, te ingewikkeld, velen hebben principiële bezwaren tegen bijvoorbeeld het gebruik van de DigId code of mijnoverheid.nl of de website van het UWV. Maar nogmaals, hoe groot is het probleem en als velen die moderne middelen niet gebruiken, hoe komen ze dan aan hun informatie en hoe doen ze hun administratie? De Bijstandsbond wil uitgaan van de behoeften, mogelijkheden en wensen van haar achterban. Dus informatie over bovenstaand onderwerp is voor ons belangrijk.

Je zou ons zeer helpen als je de enquête zou willen invullen wanneer je in Amsterdam woont op

http://enquete.bijstandsbond.amsterdam

Frauderende reïntegratiebedrijven

Op 12 september verscheen in de media, dat de gemeente Rotterdam een miljoen euro terugeiste van een frauderende topman van de sociale dienst. Hier kun je een artikel daarover lezen

Een tendens van decennia, constructies om geld dat is bestemd voor de reïntegratie van werklozen weg te sluizen naar fake bedrijven en fake begeleiding of geld verdienen aan het rondpompen van reintegratiegelden met fakebanen waar geen enkele werklozen uiteindelijk iets mee opschiet. Ben wel benieuwd wat voor constructie ze hier nu weer bedacht hebben, maar ja, net als in het verleden (al meer dan 20 jaar geleden ) de fraude met ESF gelden, en wat korter geleden de Megabanenmarkt in Amsterdam en de malversaties, fraude en corruptie bij de stichting Herstelling in Amsterdam, alles wordt in de doofpot gestopt, afgekocht, vastgelegd in geheime rapporten en wij komen niks te weten. Die parlementaire enquete over de reintegratie industrie van de afgelopen 30 jaar zal er wel nooit komen. Volgens mij erger dan de bouwfraude. De pers duikt er niet in, want ik heb meegemaakt in Amsterdam met de malversaties van een reintegratiebedrijf waarover gepubliceerd werd in Het Parool, dat dat reintegratiebedrijf een batterij duur betaalde advocaten op de journalist en de krant afstuurde, om de krant aan te klagen wegens smaad, en je kunt als journalist dan nog maar beperkt publiceren als je geen keiharde bewijzen van documenten of zo hebt en moet afgaan op getuigenverklaringen. Ook die zaken zijn in de doofpot verdwenen. Sindsdien gaat de gemeente Amsterdam nauwelijks nog in zee met particuliere reintegratiebedrijven. Ik kan er uren over vertellen. Ha, heb ik weer een ideetje voor een petitie. Niet dat ze die enquete dan ook gaan houden, maar misschien levert het met wat publiciteit en gedoe eromheen wat meer info op over hoe we belazerd zijn. Maar ja, ach, wat moet je daar nu weer mee.

Geen laagvliegende vliegtuigen boven natuurgebieden! Teken de petitie!

vvOp 1 september 2017 staat in de Volkskrant een interview met de KLM over de uitbreiding van Lelystad airport. Ik ben geen specialist in luchtverkeer, maar ik heb wel twee orden om het lawaai te horen en ogen om te lezen, dat het vreselijk is. Eerst worden de Amsterdammers belazerd met Schiphol, omdat was afgesproken dat niet over de stad zou worden gevlogen, maar dat gebeurt regelmatig toch. Nu wil men vanaf 2019 vliegveld Lelystad uitbreiden om het vele vliegverkeer en dan vooral de goedkope budgetvluchten op te vangen. Vanaf 2019 stijgen en dalen massa’s vliegtuigen over grote delen van Gelderland, Overijssel, Friesland en Noord Holland van en naar het vergrote vliegveld Lelystad. Zes keer per uur, met donderend geraas, op nauwelijks twee kilometer hoogte. Lees meer…….

Teken de petitie!

Een nieuwe tijdbom maar weer is het de huizenbubbel en de kredietexplosie

Half augustus 2017 maakten het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) en het Centraal Plan Bureau (CPB) recente cijfers bekend over de Nederlandse economie. In de media vervolgens juichtonen over de ontwikkelingen. Er werden groeicijfers genoemd van 3,5% meer dan in de ons omringende landen. Ik ga alle cijfers die gepresenteerd werden niet herhalen, daarover is veel informatie beschikbaar. Ik wilde wel eens weten wat er nou precies groeit, en of die juichtonen terecht zijn. Als je afgaat op de berichten in de media kom je wat dat betreft niet veel te weten. Er is wel linkse kritiek op de eenzijdige gerichtheid op economische groei, met haar gevolgen voor het milieu en er wordt benadrukt dat het bij al die cijfers omd e mensen gaat die dagelijks de eindjes aan elkaar moeten knopen en dat de kloof tussen arm en rijk toeneemt. De gemiddelde inwoner van Nederland profiteert nauwelijks van de toenemende rijkdom. Maar is die toename er wel, eigenlijk? Misschien dat mainstream economen daar ook wel iets over te zeggen hebben. Dit artikel is op die bronnen gebaseerd. En ook dan ziet het er niet best uit. Maar eens gekeken naar de persconfenerentie die het CBS organiseerde naar aanleiding van de cijfers. https://www.youtube.com/watch?v=9DKm1on3DkQ

Peter Hein van Mulligen

Er was een presentatie van Peter Hein van Mulligen, hoofdeconoom van het CBS. Een groot deel van zijn verhaal zei ook niet erg veel. Maar het was duidelijk, dat Peter Hein zo zijn bedenkingen had bij de cijfers.

Maar als hoofdeconoom van het CBS presenteer je alleen zogenaamde objectieve cijfers en geef je geen commentaar. Je moest dus bij zijn presentatie een beetje tussen de regeltjes door lezen. Peter Hein smokkelde twee aardige grafiekjes in zijn betoog, om zijn bedekte bedenkingen over het voetlicht te brengen.

 

 

 

 

 

 

 

Al na ongeveer 3 minuten presenteert Peter Hein het volgende grafiekje.

Wat zien wij hier? Dit is de ontwikkeling van het Binnenlands Bruto Product (BBP) in Nederland, Duitsland, België en Frankrijk tussen 2008 en 2017. De oranje lijn is de Nederlandse ontwikkeling. We zien hier dat in de jaren 2011-2014 Nederland sterk achterbleef bij de ons omringende landen. Dat had, zei Peter Hein, te maken met de woningmarktcrisis. Nederland bleek extra gevoelig te zijn voor de financiële crisis en dat heeft een grote klap betekent voor de woningmarkt. Er werden nauwelijks meer huizen verkocht. In de Nederlandse bouw zijn 100.000 bouwvakkers ontslagen, omdat ook de bouw instortte. Dat zette een sterke rem op de Nederlandse economie. Wat Peter Hein niet noemde, is dat de Nederlandse regering sterk bezuinigd heeft en dat dit ook de economie sterk heeft afgeremd. Uit verschillende rapporten blijkt dit. In september 2016 presenteerden economen van de ING een rapport met de volgende conclusies. De afgelopen kabinetten onder Rutte hebben onze economie onnodige schade toegebracht. De economie loopt zo’n drie jaar achter op andere landen. Dat was nog september vorig jaar.

Inmiddels lijkt de Nederlandse economie met een inhaalslag bezig, maar we liggen over de gehele periode 2008-2017 gerekend nog wel 5% achter op Duitsland en ook Engeland. Met België en Frankrijk zijn we inmiddels weer op een gelijk niveau. Met andere woorden: door het sterke bezuinigingsbeleid en het steeds afhankelijker maken van de Nederlandse economie van de export zijn in Nederland de conjuncturele dalen dieper en de toppen hoger. In andere landen hebben ze meer een beleid gevoerd om de toppen en de dalen wat af te vlakken. Nu is er een spectaculaire groei van de Nederlandse economie, maar groei van wat? Het blijkt dat met name de investeringen in de woningbouw sterk aantrekken, evenals de verkoop van lease autoś (lees: autorijden op krediet) Het is duidelijk dat het Nederlandse beleid van kort op elkaar volgende sterke pieken en dalen ontwrichtend werkt op de arbeidsmarkt: in de crisis zijn duizenden bouwvakkers en thuiszorgmedewerkers ontslagen, nu we weer omhoog gaan zijn er grote tekorten, want al die ontslagenen zijn wat anders gaan doen, vervroegd uitgetreden of arbeidsongeschikt geworden.

Peter Hein van Mulligen presenteerde nog een ander aardig grafiekje:

 

 

Wat is dit? We zien hier een grafiek over de ontwikkeling van de inflatie in Nederland. Peter Hein legt eerst uit wat economen onder inflatie verstaan. Velen denken bij inflatie aan de consumentenprijzen, maar de economen hanteren een breder begrip. Economen hebben het over het ‘algemene prijspeil’. Er zitten niet alleen consumentenprijzen maar ook andere zaken in dat prijspeil, zoals de prijs van arbeid, renteontwikkelingen, prijzen van koopwoningen, beurskoersen etc. En die hebben niet allemaal dezelfde ontwikkeling. In de grafiek zien we drie kleuren, rood is een indicator dat de inflatie meer dan gemiddeld is, bij blauw is juist sprake van heel weinig tot geen inflatie en geel zit daar een beetje tussenin. We zien veel indicatoren in het blauw. De consumentenprijsontwikkeling van diensten is laag, wat te maken heeft met de lage loonstijgingen, want die lage lonen zijn ene belangrijke component van diensten. Peter Hein noemt dit niet, maar vooral vorig jaar dreigden we richting deflatie te gaan. Deflatie is slecht, omdat dan consumenten hun aankopen uitstellen in afwachting van nog goedkoper tijden en de economie dreigt dan verlamd te raken.

En nu komt het: het feit dat we nog inflatie hebben komt door de weer omhoog vliegende huizenprijzen en door de hogere AEX koersen. Veel economen, zegt Peter Hein, zien hierin de hand terug van het beleid van de Europese Centrale Bank (ECB) die door ‘kwantitatieve verruiming’ zorgt voor lage rentes waardoor geld lenen goedkoop is en dit zorgt weer voor hogere huizenprijzen en hogere beurskoersen. Die ‘kwantitatieve verruiming’ heeft betrekking op de astronomische bedragen die de ECB in de Europese economiën pompt door staatsobligaties op te kopen, dus schulden op te kopen. In het verlengde van de huizenprijzen en de goedkope kredieten is er een geweldige groei van de consumptie door nieuwe woninginrichting, nieuwe keukens etc.

Met andere woorden: we verkeren in mijn ogen nog steeds in een crisis, met dreigende deflatie, die wordt getemperd door het opkoopprogramma van de ECB met astronomische bedragen. Er is een nieuwe zeepbel gecreeerd, die ieder ogenblik weer kan instorten. Klaas Knot van de Nederlandse Bank zegt al dat de ECB moet stoppen met haar beleid. Eind 2017 moet het afgelopen zijn. https://www.nrc.nl/nieuws/2016/12/26/klaas-knot-ecb-moet-snel-stoppen-met-de-drukpers-5925497-a1538421

De tijdbom onder de Nederlandse economie zal dan tot uitbarsting komen. Een tijdbom, groter gemaakt door het VVD beleid in de kabinetten Rutte. Met 40 jaar VVD in de regering is Nederland een land geworden, waarbij we eventuele economische crisissenen door de bezuinigingen en de lage lonen afwentelen op het buitenland in de vorm van proberen nog zoveel mogelijk te exporteren, waarbij we zeer sterk afhankelijk zijn geworden van marktontwikkelingen. Naast de bezuinigingen de sterke privatiseringen en de invoering van marktconforme budgetteringsmodellen bij wat nog wel overheid is. Gevolg: een extreme afwisseling van conjuncturele ups en downs. Nederland is door dat 40 jarige VVD concept een land geworden waarin niet alleen de kloof tussen arm en rijk toeneemt en velen door de flexibilisering in bestaansonzekerheid zijn gestort, op een door de snelle wisselingen van ups en downs ontwrichte arbeidsmarkt, ook voor veel mensen die nu nog vast werk of een kleine onderneming hebben kan het morgen afgelopen zijn. Sombere conclusie: begin 2018 is het gedaan met de economische voorspoed, en dan hebben we weer een VVD regering, die voortgaat op de oude voet…….  De onderhandelaars voor de nieuwe regering zeiden bij de juichtonen over de economische groei moeten we oppassen, we moeten blijven bezuinigen, want de kosten van de verpleeghuiszorg lopen uit de hand. Ongeveer een derde van die kosten gaat zitten in de verhuur van kamers en de huur van gebouwen van verpleeghuizen, dus zeg maar ook de onroerend goedsector met zijn huizenbubble. Projectontwikkelaars in onroerend goed verdienen goud aan de gezondheidszorg, denk ik. Maar daar hoor je de onderhandelaars niet over.

Piet van der Lende