vv

 

Nijetrijne

De parochianen van Nijetrijne worden in de oorkonde van 1320 ook genoemd. (1) De parochie wordt dan Nieuwestrinde genoemd. Deze parochie zou een afscheiding zijn van de parochie Steenwijk, waaraan zij jaarlijks een cijns van drie oude vlaamsen betaalde. De kerk was blijkens een institutiebrief uit 1509 aan St Nicolaas gewijd, terwijl de hertog van Saksen als heer van Friesland in dat jaar het recht van presentatie bezat. (2)
24 juni? 1509 is er de institutie van Rodolphus Bentij nek tot de St. Nicolaus parochiekerk te Nova Trinde, vacant door
resignatie van Joannes ther Maet, krachtens presentatie van hertog George van Saxen, met bevel tot inbezitstelling bepaaldelijk aan den deken Hinricus ten Velde. De kerk blijkt ook over een vicarie te beschikken.
15 maart 1532 is er de institutie van Jello Nicolai tot de vicarie of het altaar, gesticht ter eere van de Maagd Maria en
St. Nicolaus in de parochiekerk te Nova Trynda, vacant door resignatie van Johannes Henrici, krachtens presentatie van Rodolphus Bemynck cureitpastoor, Henricus Martini 'judex', Gerbrandus Lamberti en Dodo Petri 'advocati' of fabriekmeesters der parochiekerk en de overige parochianen. (3) (Zie voor de betekenis van de verschillende termen de uitleg over de middeleeuwse organisatie van het kerkbestuur)

In de verschillende versies van de kroniek van Worp van Thabor staan de namen: Nijetrijnde, Nye Trynde, Nyetryne, Nijetrijne, Nijetrijnde, Nyetrine.
Zoals we hiervoor zagen, werd Nijetrijne in de oorkonde van 1320 geschreven als 'Nieuwestrinde'. Over de schrijfwijze van Nijetrijne als 'Nieuwestrinde' zegt Mulder het volgende.(3) Nijetrijne heette oorspronkelijk mogelijk Westrinde, en omstreeks 1320 werden Westrinde en Nijetrinde door elkaar gehaald omdat de nieuwe naam Nijetrinde nog niet was ingeburgerd. Oorspronkelijk bestond volgens Mulder de uitgebreide parochie Trinde, waarbij twee nieuwe parochies zich hebben afgescheiden (Ostrinde en Westrinde). Een gedeelte van de oude parochie bleef Oldetrinde heten. De parochie Westrinde heette op den duur Nije Trinde. Een Fries spreekt woorden als wind uit als wien, winderig als winerich. Zo zou ook van Trinde Triene en later Trijne zijn gemaakt. We moeten dus op zoek naar een verklaring van de naam 'Trinde'. Etymologen geven twee verklaringen voor deze naam. Ten eerste zou trind, trund in het Oud-fries betekenen: rond. Vaak de eerdere vorm van het dorp. Het dorp 't Ronde onder Elsloo zou oorspronkelijk Tronde hebben geheten en is verwant aan Trinde, Trunde.(4)
Ten tweede kan -in tegenstelling met het voorgaande- trine afgeleid zijn van het werkwoord trahiren- trekken, slepen. Trinen is sleep, stoet. Hier zou het dan de betekenis hebben van een stoet, een lange rechte rij percelen (5) De Groot verwerpt bovenstaande verklaringen. Volgens hem is Trijne afgeleid van de heilige Catherina (Katriene) de patrones van de dorpskerk (6)
Het dorp maakt deel uit van de Grote Veenpolder van Weststellingwerf, die in de 19e eeuw tot stand kwam. Daarover is bij de geschiedenis van de 19e eeuw een apart item gemaakt.

Er is een boek verschenen met een inventarisatie van veldnamen in het dorpsgebied.

Piet van der Lende - Veldnaemen van Stellingwarf diel V - De Langelille, Munnikeburen, Ni'jtriene, Scharpenzeel, Sliekenborg, Spange. Stichting Stellingwarver Schrieversronte Berkoop 2003. Boek in pdf

(1) Zie inleiding
(2) Zie Kok die als bron noemt AAU, dl. 42 (1916), p. 41 e.v. De betaling aan Steenwijk wordt vlgs Kok genoemd in VMRRG, dl. 40 (1923), p. 320.
(3) B.M. de Jonge van Ellemeet. Institutien, Proclamatiën en Collatiën van den Aartsdiaken van St. Marie in het Decanaat Drente. In: Archief voor de geschiedenis van het Aartsbisdom Utrecht. Twee en veertigste deel. Utrecht. Wed. J.R. van Rossum, 1916 blz 320. Het woord cureit is afkomstig van het middeleeuws Latijnse woord ‘curatus’, dat zieleherder of meer precies parochiepriester betekent. Het woord cureit geeft de functie weer van de pastoor als verantwoordelijke voor de zielzorg van de parochianen.
(4) G.P. Mulder-De Stellingwerfse Dorpsnamen
(5) Zie ook Beetstra 1987 onder Nijetrijne.
(6) De Groot artikel 3. Zie voor Nijetrijne ook Van der Aa deel 8 blz 205

 

samenstelling tekst en lay out pagina: Piet van der Lende