vv


Oldeberkoop

OldeberkoopHiernaast ziet u de kerk van Oldeberkoop, die volgens van der Aa vóór de Reformatie aan den H. Bonifacius was gewijd. Maar recent onderzoek heeft uitgewezen dat dit niet klopt. De kerk was gewijd aan St Vitus. (1) De foto is genomen in de zomer van 2000. De romano-gotische kerk is in verschillende perioden tot stand gekomen. Er is een romaans gedeelte met kleine ramen en een gotisch gedeelte met grote ramen. De grijze tufstenen gedeelten zijn zo'n 13 meter lang en zullen de muren zijn geweest van het oorspronkelijk romaanse kerkje. Omstreeks 1450 is de kerk naar het oosten toe uitgebreid met een gedeelte dat is opgetrokken uit oude Friesen, grote bakstenen. In het jaar 1585 tijdens de tachtig- jarige oorlog werd de toren van deze kerk door uit Steenwijk komende Spanjaarden, ondergraven, zodat hij neerstortte. Maar omstreeks 1600 is de toren herbouwd, alleen wegens gebrek aan geld smaller en minder hoog dan de vorige. Uit de 16e eeuw bestaan enkele kerkelijke gegevens. Het blijkt dat de kerk minstens een vicarie bezit. 21 maart 1539 is er de collatie van Petrus Fopponis van Steggerda tot de eeuwige vicarie of prebende, gesticht ter eere van St. Anthonius in de parochiekerk van Antiquo Bercoep, vacant door dimissie of resignatie van Jacobus Bernhardi. (1)
(Zie voor de betekenis van de verschillende termen de uitleg over de middeleeuwse organisatie van het kerkbestuur)

De kerk is in 1845 vernieuwd. Maar omstreeks 1900 stond er een haveloze kerk die om het verval te keren bepleisterd was. Daarop vond een retaurantie plaats in 1927-1930 gevolgd door een grondige restauratie aan het begin van de zestiger jaren, zodat de kerk in zijn oude luister is hersteld. De eerste, die in deze kerkelijke gemeente als dominee optrad was Jacobus Rudolpi, die in het jaar 1599 hier stond.

Van der Aa zegt over Oldeberkoop in de eerste helft van de 19e eeuw: 'dit dorp is, wegens zijne geregelde buurt, rondom een plein en eene zeer oude kerk gelegen, maar meer nog wegens de schoone bosschen en beplantingen, waardoor het omgeven wordt, als eene der schoonste plaatsen van deze streken bekend'. (2) Er waren toen in de kom van het dorp 35 huizen en 175 inwoners en met oostelijke en westelijke buurten en de Deddingabuurt 111 huizen en 670 inwoners die hun bestaan vonden in de landbouw, de hout- en veeteelt en de veenderij. De noordelijkste landen van Oldeberkoop, aan de Kuinder, waren in de 19e eeuw lage hooi- en weilanden, terwijl de zuidelijke, die zich tot aan den Linde uitstrekten, eerst uit bouwlanden en voorts uit heideveld en veen bestaan. Aan de oostzijde van dit dorp is in 1842 nog een nieuw landhuis voor de toenmalige grietman Jhr. Lycklama à Nijeholt gebouwd. Voorheen stond in Oldeberkoop ten zuidoosten van de kerkbuurt een fraai gebouw, Lycklama-stins genaamd. In de 19e eeuw werden hier twee belangrijke jaarmarkten gehouden, waarvan de eerste begint op vrijdag na Hemelvaartsdag en de tweede op de eerste woensdag in September. Zie daarvoor ook het item markten in de middeleeuwen. In de 19e eeuw was er ook een korenmolen aan het einde van de Bruggelaan. Maar deze molen is in 1830 afgebroken. Volgens Van der Aa was Oldeberkoop de geboorteplaats van den Geneeskundige Petrus Talpa, die omstreeks het jaar 1600 heeft geleefd en de geneeskunde te Leeuwarden, te Sneek en in andere plaatsen beoefend heeft. Hij was van gevoelen, dat de kracht der geneesmiddelen niet zoo zeer moest getoetst worden aan de ondervinding, gelijk de Artsen, die op de ondervinding te werk gaan, doorgaans doen, maar aan de reden. Daarom heeft hij ook een boek of zamenspraak geschreven, onder den titel Empiricus (kwakzalver) of Indoctus Medicus (ongeleerd geneesheer). Nog heeft hij kort, doch stekelig schimpdicht vervaardigd, hetwelk hij Exilium Empiricorum (d. i. Ballingschap der kwakzalvers) noemde.

Dorpsarchief Oldeberkoop

Roelof Dragt uit Oldeberkoop is betrokken bij het dorpsarchief daar. In 1962 nam dominee Krikke het innitiatief om het verleden van Oldeberkoop vast te leggen, hij stichtte het dorpsarchief en het kerk- en dorpsblad "De Drei'jer". In dat blad kon hij zijn kerknieuws kwijt en riep hij mensen op oude foto's, akten en al wat getuigde van het verleden in te leveren bij het archief. Dat initiatief is na zijn vertrek voortgezet door voornamelijk dhr. Annema, huisarts toen in Oldeberkoop.
Nu is een groepje mensen bezig het resultaat van die inzet, de grote hoeveelheid verzamelde papieren, te ordenen en in een database onder te brengen. Het dorpsarchief van Oldeberkoop is ondergebracht in het gebouw van de Schrieversronte in dezelfde plaats.
Stichting Dorpsarchief Oldeberkoop
Willinge Prinsstraat 11
8421 PE Oldeberkoop
Friesland

(1) Zie Rienk Klooster-Middelieuwse petroonheiligen in Stellingwarf. In: De Ovend, Stellingwarfs tiedschrift. 42e jrg no 4. Augustus 2014. Blz 12
(2) B.M. de Jonge van Ellemeet. Institutien, Proclamatiën en Collatiën van den Aartsdiaken van St. Marie in het Decanaat Drente. In: Archief voor de geschiedenis van het Aartsbisdom Utrecht. Twee en veertigste deel. Utrecht. Wed. J.R. van Rossum, 1916 blz 321
(3) Van der Aa deel 8 blz 397/398

 

 

samenstelling tekst en lay out pagina: Piet van der Lende